Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
- woning vrijstaand
- schuur
- kas type tralie
- 3 kassen type folie
- waterbassin
- erfverharding.
Rechtbank Gelderland
Eiser betwist de WOZ-waarde van zijn glastuinbouwbedrijf per waardepeildatum 1 januari 2011, vastgesteld op €581.000, en voert onder meer aan dat de hertaxatie met de Landelijke Taxatiewijzer onjuist en onzorgvuldig is.
Verweerder heeft de waarde onderbouwd met een taxatierapport van een erkende taxateur, die de Landelijke Taxatiewijzer toepaste, een methode die na marktonderzoek en overleg met belangengroepen tot stand is gekomen. De rechtbank oordeelt dat verweerder vrij is in de keuze van de waarderingsmethode en dat de taxateur de waarde op verantwoorde wijze heeft bepaald, mede omdat regionale waardeverschillen in de taxatiewijzer zijn verwerkt.
De rechtbank wijst de bezwaren van eiser af, waaronder de vermeende onjuiste waardering van het waterbassin, de classificatie van de woning als luxe en de grondprijsberekening. Ook het beroep op eerdere lagere WOZ-waarden en dalende verkoopcijfers faalt omdat de WOZ-waarde jaarlijks opnieuw wordt vastgesteld op basis van actuele marktgegevens.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat de WOZ-waarde en de daarop gebaseerde aanslag niet te hoog zijn vastgesteld. Het teveel betaalde griffierecht wordt aan eiser terugbetaald. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde van het glastuinbouwbedrijf wordt ongegrond verklaard en de vastgestelde waarde bevestigd.