ECLI:NL:RBGEL:2013:1856
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen herziening en terugvordering bijstand wegens niet gemelde PGB-gelden
Eiseres ontving een bijstandsuitkering en verleende zorg aan haar dochter met een PGB. Verweerder herzag de uitkering en vorderde teveel betaalde bijstand terug wegens niet-melding van PGB-gelden. Eiseres betwistte dat zij de zorg had verleend en dat de PGB-gelden als middelen moesten worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat eiseres geen bezwaar had gemaakt tegen de intrekking van de uitkering per 1 mei 2012, waardoor dat deel van het beroep niet-ontvankelijk is. Ten aanzien van de herziening en terugvordering stelde de rechtbank vast dat eiseres de geïndiceerde zorg wel heeft verleend en dat de PGB-gelden direct zijn terugbetaald, waardoor zij niet als middelen in de zin van de Wwb kunnen worden beschouwd.
Daarom was verweerder niet bevoegd het recht op bijstand te herzien of terug te vorderen op grond van de niet-gemelde PGB-gelden. Het bestreden besluit werd vernietigd voor dit onderdeel en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen, maar verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Beroep niet-ontvankelijk voor intrekking uitkering, gegrond voor herziening en terugvordering bijstand over PGB-periode; besluit vernietigd en nieuw besluit opgedragen.