Uitspraak
[verdachte],
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Het onderzoek ter terechtzitting
.
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde de zaak tegen een 42-jarige man die werd verdacht van afpersing in vereniging, poging afpersing, bedreiging met de dood en verboden wapenbezit.
De rechtbank sprak verdachte vrij van de afpersing en poging afpersing, omdat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte met geweld of bedreiging met geweld geld of goederen heeft afgedwongen. De verklaringen van het slachtoffer en camerabeelden toonden aan dat de gedragingen niet als bedreigend konden worden aangemerkt en dat er mogelijk sprake was van een misverstand over geldvorderingen.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte op 10 januari 2013 in Nijmegen meermalen bedreigingen met de dood heeft geuit tegen twee slachtoffers, onder meer door met hoge snelheid met een auto op een slachtoffer in te rijden en bedreigende woorden te uiten. Daarnaast werd vastgesteld dat verdachte verboden een pistool en munitie van categorie III in bezit had, waaronder drie afgeschoten patronen die verband hielden met het incident.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is en legde hem een gevangenisstraf van 203 dagen op, geheel in mindering gebracht met het voorarrest. De straf is lager dan de eis van de officier van justitie vanwege minder bewezenverklaringen en persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 203 dagen gevangenisstraf voor meermalen medeplegen van bedreigingen en verboden wapenbezit, en vrijgesproken van afpersing en poging afpersing.