ECLI:NL:RBGEL:2013:4681

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
21 november 2013
Publicatiedatum
20 november 2013
Zaaknummer
AWB-13_911
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9.1 Bouwbesluit 2012Paragraaf 3.3 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing beroep tegen omgevingsvergunning voor plaatsing noodlokalen

Eiser, vader van twee kinderen die les krijgen in de noodlokalen, stelde beroep in tegen het besluit van de gemeente Renkum om een omgevingsvergunning te verlenen voor het plaatsen van twee noodlokalen voor maximaal vijf jaar.

De rechtbank oordeelt dat eiser als ouder rechtstreeks belanghebbende is bij het besluit, ondanks zijn afstand tot de locatie. Verweerder maakte aannemelijk dat de noodlokalen een tijdelijke voorziening zijn, passend binnen de leerlingprognoses en het huisvestingsplan.

Het betoog van eiser dat de vergunning onterecht aan het Bouwbesluit 2003 is getoetst in plaats van het Bouwbesluit 2012 wordt verworpen, omdat de aanvraag vóór de inwerkingtreding van het Bouwbesluit 2012 is ingediend. Ook de bezwaren over de bouwtekening en vermeende strijd met het Bouwbesluit 2003 worden ongegrond verklaard, mede omdat verweerder heeft verklaard dat de noodlokalen twee keer zijn getoetst.

De rechtbank concludeert dat de vergunning terecht is verleend en wijst het beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor twee noodlokalen wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem
Team bestuursrecht
zaaknummer: SBR 13/911

uitspraak van de enkelvoudige kamer van

in de zaak tussen
[eiser], eiser,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Renkum, verweerder
(gemachtigde: mr. A.J. Blankert).

Procesverloop

Bij besluit van 25 januari 2013 (hierna: het bestreden besluit) heeft verweerder met toepassing van paragraaf 3.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aan de gemeente Renkum een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van twee noodlokalen aan de Mariënbergweg 28 te Oosterbeek, voor de maximale duur van 5 jaar.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 9 september 2013. Eiser is in persoon verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1.
Verweerder betoogt dat eiser geen belang heeft bij beoordeling van het bestreden besluit, omdat hij op bijna 3 km afstand van het schoolplein woont.
De rechtbank volgt dat betoog niet. Ter zitting is vast komen te staan dat twee kinderen van eiser leerling zijn op de school en dat zij (ook in het lopende schooljaar) les krijgen in de noodlokalen. Het belang van eiser als ouder van die kinderen is daarmee rechtstreeks betrokken bij de noodlokalen. De rechtbank wijst in dit verband op de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 26 juni 2013, zaak nr. 201300696/1, en van 17 maart 2010, zaak nr. 200905011/1 (beide uitspraken gepubliceerd op www.raadvanstate.nl).
2.
Verweerder heeft met zijn verwijzing naar leerlingprognoses en het “Integraal Huisvestingsplan 2013 – 2020 gemeente Renkum” aannemelijk gemaakt dat de noodlokalen voorzien in een tijdelijke behoefte.
Voor zover eiser bedoelt te betogen dat hij vreest dat de noodlokalen na het verlopen van de vergunde termijn van 5 jaar zullen worden gehandhaafd, kan hij verweerder te zijner tijd verzoeken om daartegen handhavend op te treden.
3.
Eiser betoogt dat verweerder het bouwplan ten onrechte niet heeft getoetst aan het Bouwbesluit 2012, maar aan het Bouwbesluit 2003.
Dit betoog treft geen doel. Ingevolge artikel 9.1, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012, voor zover thans van belang, blijven op een aanvraag om vergunning voor het bouwen, ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit, alsmede op enig bezwaar of beroep, ingesteld tegen een beslissing over een dergelijke aanvraag, de voorschriften van het Bouwbesluit 2003 en de daarop berustende bepalingen van toepassing, zoals deze luidden op het tijdstip waarop de aanvraag werd ingediend.
Het Bouwbesluit 2012 is in werking getreden op 1 april 2012, de aanvraag is op 1 september 2011 ontvangen door verweerder. Hieruit volgt dat verweerder de aanvraag terecht getoetst heeft aan het Bouwbesluit 2003.
4.
Eiser betoogt dat de bouwtekening onvoldoende duidelijk is om een toetsing aan het Bouwbesluit 2003 mogelijk te maken. Volgens hem voldoen de noodlokalen voorts niet aan de eisen gesteld in het Bouwbesluit 2003. Daarbij komt dat op de bouwtekening de aantekening staat: “Don Boscoschool”, waaruit eiser afleidt dat de tekening niet van de onderhavige noodlokalen is.
Wanneer eiser zich op het standpunt stelt dat het bouwplan in strijd is met het Bouwbesluit 2003, ligt het op zijn weg om daarvoor aanknopingspunten te bieden. Eiser is daarin – ook desgevraagd ter zitting – niet geslaagd. Dat de bouwtekening volgens eiser niet voldoende gedetailleerd is om een volledige toetsing mogelijk te maken, doet er niet aan af dat verweerder – onbetwist – heeft verklaard dat de noodlokalen tot twee keer toe zijn getoetst aan het Bouwbesluit 2003.
Aan de omstandigheid dat op de bouwtekening tweemaal staat vermeld “Don Boscoschool”, komt niet die betekenis toe die eiser daaraan hecht. Verweerder heeft ter zitting verklaard dat de onderhavige noodlokalen eerst bij de Don Boscoschool in Renkum hebben gestaan. Bovendien is deze aantekening op de bouwtekening tweemaal doorgehaald. Ten slotte staat op de bouwtekening vermeld dat zij behoort bij verweerders besluit van 15 november 2011. Dit besluit, dat later is vernietigd door de Afdeling bij haar uitspraak van 17 september 2012 in zaak nrs. 201207888/1 en 201207888/2, zag op de bouw van dezelfde noodlokalen als de onderhavige en op dezelfde locatie. De rechtbank concludeert daaruit dat die tekening ook ten grondslag ligt aan en behoort bij het onderhavige besluit.
Voor zover eiser betoogt dat de noodlokalen niet zijn uitgevoerd conform de bouwtekening, staat het hem overigens vrij om een verzoek in te dienen bij verweerder om handhavend op te treden.
5.
Geen grond bestaat voor het oordeel dat verweerder de omgevingsvergunning ten onrechte heeft verleend. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank
- verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. J.H. van Breda, rechter, in aanwezigheid van
W.C. Knoester, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.