ECLI:NL:RBGEL:2013:6287
Rechtbank Gelderland
- Wraking
- M.C.G.J. van Well
- T.P.E.E. van Groeningen
- G. Noordraven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in bestuursrechtelijke zaken
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die vijf bestuursrechtelijke zaken behandelde. Zij stelde dat de rechter onpartijdig was omdat een stuk van verweerder ter zitting werd toegelaten zonder dat zij hiervan tijdig kennis had en omdat de rechter haar niet toestond verweerder een leugenaar te noemen.
De rechter gaf aan dat de toelating van het stuk een inhoudelijke beslissing betrof op grond van artikel 8:58 Awb Pro, die niet via wraking kan worden aangevochten. Ook de bejegening van verzoekster door de rechter, waaronder het handhaven van de procesorde en het maandelijks verzoek zakelijk te blijven, vormde geen grond voor wraking.
De wrakingskamer oordeelde dat er geen concrete feiten of omstandigheden waren die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigden. De klacht over de inhoudelijke beslissing en de bejegening waren onvoldoende om de onpartijdigheid van de rechter in twijfel te trekken.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan concrete feiten voor onpartijdigheidsschending.