Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[gedaagde],
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van [eiseres]
- de pleitnota van [gedaagde] en [gedaagde].
Rechtbank Gelderland
In deze zaak vordert eiseres betaling van een restant van een geldlening en opheffing van conservatoir beslag dat gedaagde op een onroerende zaak heeft gelegd. De leningsovereenkomst dateert uit 2008 en is volgens gedaagde afgelost, maar eiseres stelt dat nog een bedrag openstaat.
De rechtbank overweegt dat de vordering tot terugbetaling van de lening verjaard is omdat geen stuiting heeft plaatsgevonden binnen de wettelijke termijn van vijf jaar. Daarom wordt deze vordering afgewezen. Ten aanzien van het conservatoir beslag stelt de rechtbank vast dat de koopovereenkomst een uiterste leveringsdatum van 15 januari 2013 bevatte, die is verstreken. Eiseres heeft de overeenkomst ontbonden vanwege het niet nakomen door gedaagde.
Omdat gedaagde onvoldoende heeft onderbouwd dat levering later zou plaatsvinden en eiseres een derde koper heeft gevonden, wordt het beslag opgeheven. Het verbod op nieuw beslag wordt beperkt tot een informatieplicht aan de voorzieningenrechter bij nieuwe verzoeken. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De vordering tot betaling van de lening wordt afgewezen wegens verjaring, het conservatoir beslag wordt opgeheven en gedaagde krijgt een informatieplicht bij nieuwe beslagleggingen.