ECLI:NL:RBGEL:2014:2699
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens niet voldoen aan referte-eis na proefplaatsing en ziekte
Eiser ontving vanaf juni 2009 een WW-uitkering die doorliep tot eind januari 2012. Gedurende de periode van november 2011 tot januari 2012 werkte hij onbetaald in een proefplaatsing bij dezelfde werkgever, waarbij de WW-uitkering werd doorbetaald. Vanaf februari 2012 had eiser een arbeidsovereenkomst bij deze werkgever, die eind augustus 2012 afliep. Vanaf eind mei 2012 meldde eiser zich ziek en werkte niet meer.
Eiser vroeg per 3 december 2012 een WW-uitkering aan, die werd geweigerd omdat hij in de 36 weken voorafgaand aan zijn werkloosheid niet in ten minste 26 weken had gewerkt. De rechtbank stelt vast dat de weken van ziekte niet meetellen voor de referteperiode en dat de proefplaatsing geen gewerkte weken opleverde omdat deze onbetaald was en de WW-uitkering doorliep.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende gewerkte weken heeft om aan de referte-eis te voldoen. Ook het beroep op de Regeling gelijkstelling niet-gewerkte weken met gewerkte weken faalt, omdat deze regeling niet van toepassing is in de situatie van eiser. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de weigering van de WW-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WW-uitkering blijft in stand.