Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
VONNIS
de feiten 1 subsidiair, 2 subsidiair, 3 subsidiair en 4 subsidiair (telkens)
[slachtoffer 1]heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van de onder 1 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten. Gevorderd wordt een bedrag van € 500,-- immateriële schade.
[slachtoffer 3]heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van de onder 3 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten. Gevorderd wordt een bedrag van € 500,-- aan immateriële schade.
[slachtoffer 4]heeft zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van de onder 4 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten. Gevorderd wordt een bedrag van € 500,-- aan immateriële schade.
[slachtoffer 1],[slachtoffer 2],
[slachtoffer 3]en
[slachtoffer 4]niet-ontvankelijk verklaringen in hun vordering, nu aan verdachte geen straf of maatregel wordt opgelegd.
Beslissing
- spreekt verdachte vrij van de onder 1 primair, 2 primair, 3 primair en 4 primair tenlastegelegde feiten;
- verklaart bewezen dat verdachte de onder 1 subsidiair, 2 subsidiair, 3 subsidiair en 4 subsidiair tenlastegelegde feiten heeft begaan;