ECLI:NL:RBGEL:2014:310
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verhaalsbesluit wegens onvoldoende afstemming periode onvoldoende re-integratie-inspanningen
Eiseres was werkgever van een werknemer die uitviel op 3 januari 2011 en van wie het dienstverband op 31 januari 2012 eindigde. Het UWV kende vanaf 1 februari 2012 ziekengeld toe en stelde op basis van een arbeidsdeskundig rapport dat eiseres onvoldoende re-integratie-inspanningen had verricht vanaf 11 augustus 2011, met een periode van 24 weken. Het UWV verhaalde het ziekengeld over deze periode op eiseres.
Eiseres stelde dat zij niet direct vanaf 11 augustus 2011 kon worden aangesproken op onvoldoende inspanningen en dat een korte termijn gegund moest worden om passende acties te ondernemen. De rechtbank oordeelde dat een termijn van drie weken redelijk is om een andere re-integratiekoers te starten, mede gelet op het rapport van de bedrijfsarts en de noodzaak van een tweede spoortraject.
De rechtbank vond dat eiseres te laat een tweede spoortraject was gestart en dat de ingezette maatregelen onvoldoende waren, maar dat het niet reëel was om de periode van onvoldoende inspanningen direct te laten ingaan op 11 augustus 2011. Daarom moest het UWV de periode en het verhaalsbedrag aanpassen. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het verhaalsbesluit vernietigd met een aangepaste termijn van drie weken voor onvoldoende re-integratie-inspanningen.