Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiser], eiser
Procesverloop
.Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken en een verweerschrift ingezonden.
Rechtbank Gelderland
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een WW-uitkering op grond van artikel 18 van Pro de Werkloosheidswet (WW), waarbij hij stelde dat het werken op hellende daken door hevige regenval onmogelijk was. Het UWV wees de aanvraag en het bezwaar af, stellende dat de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever pas vervalt na meer dan 22 dagen niet kunnen werken door regen in een jaar, en dat niet op alle genoemde dagen sprake was van buitengewone natuurlijke omstandigheden.
De rechtbank overwoog dat de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever in de toepasselijke CAO was uitgesloten en dat het UWV zich niet kon beroepen op een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep die niet op deze CAO van toepassing was. De rechtbank concludeerde dat op 18 en 19 januari 2012 sprake was van buitengewone natuurlijke omstandigheden vanwege langdurige neerslag, terwijl op 9, 12, 20, 23 en 26 januari 2012 dit niet het geval was.
Het beroep werd gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd voor de data 18 en 19 januari 2012, waarbij het UWV werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Voor de overige data bleef het besluit in stand. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het UWV vernietigd voor 18 en 19 januari 2012 met opdracht tot hernieuwde besluitvorming.