ECLI:NL:RBGEL:2014:4269
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding maaltijd- en reistijdvergoeding voor ambulancepersoneel na CAO-periode
Eisers, werkzaam als ambulancechauffeurs en verpleegkundigen, vorderden betaling van maaltijd- en reistijdvergoedingen over de periode van 1 januari 2011 tot 3 februari 2014. Zij stelden dat de roosterreglementen uit 2004 en 2010, waarin deze vergoedingen waren opgenomen, deel uitmaakten van hun arbeidsovereenkomsten en niet rechtsgeldig waren komen te vervallen door de invoering van de CAO Ambulancezorg 2011/2012.
De stichting voerde verweer dat eisers niet-ontvankelijk waren vanwege een bindend adviesbeding in de CAO en dat de roosterreglementen geen onderdeel uitmaakten van de arbeidsovereenkomsten. De kantonrechter oordeelde dat het bindend adviesbeding niet uitsloot dat de rechter zich over het geschil kon uitspreken en dat de maaltijd- en reistijdvergoedingen wel degelijk een verworven recht vormden door structurele uitbetaling en overleg met personeel.
Echter, omdat de CAO algemeen verbindend was verklaard van 1 januari 2011 tot 31 december 2012 en daarin geen maaltijd- en reistijdvergoedingen waren opgenomen, waren de bepalingen uit de roosterreglementen voor die periode nietig. Voor de periode vanaf 1 januari 2013 tot 3 februari 2014, waarin de CAO nog niet algemeen verbindend was verklaard, werd de vordering toegewezen. De subsidiaire vordering tot een afbouwregeling wegens inkomensachteruitgang werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De wettelijke rente en incassokosten werden toegewezen, maar de wettelijke verhoging werd afgewezen omdat het geen loon betrof.
Uitkomst: De stichting wordt veroordeeld tot betaling van maaltijd- en reistijdvergoedingen over 1 januari 2013 tot 3 februari 2014 met wettelijke rente en incassokosten.