ECLI:NL:RBGEL:2014:4811

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
30 juli 2014
Publicatiedatum
29 juli 2014
Zaaknummer
3043038
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering tot ontbinding huurovereenkomst wegens betalingsachterstand na bijstandstoekenning

Vivare vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning wegens een betalingsachterstand van de huurder. De huurder heeft een betalingsachterstand opgebouwd, maar stelt dat hij na faillissement en aanvraag van een bijstandsuitkering de huurbetalingen heeft hervat en de achterstand aan het inlopen is.

Vivare erkent de mededeling van de huurder over de bijstandsaanvraag, maar stelt bevoegd te zijn om invorderingsmaatregelen te nemen bij niet tijdige betaling. De kantonrechter overweegt dat Vivare bekend behoort te zijn met de termijn waarbinnen een ontbindingsvonnis kan worden verkregen en dat de huurder tijdig heeft aangegeven de huur weer te kunnen betalen.

De kantonrechter concludeert dat Vivare geen rechtens te respecteren belang heeft bij ontbinding en ontruiming, mede omdat de huurachterstand inmiddels is aangezuiverd. Ook worden de buitengerechtelijke incassokosten afgewezen. Vivare wordt veroordeeld in de proceskosten omdat de procedure onnodig is gestart.

Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming wordt afgewezen omdat de huurder de huurachterstand heeft ingelopen.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK GELDERLAND
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaakgegevens 3043038 \ CV EXPL 14-8258 \ 674 \ 522fh
uitspraak van
vonnis
in de zaak van
de stichting
Stichting Vivare
gevestigd en kantoorhoudende te Arnhem
eisende partij
gemachtigde A.E. Everts (GGN Tijhuis & Partners Arnhem)
tegen
[huurder]
wonende te [woonplaats]
gedaagde partij
procederend in persoon
Partijen worden hierna Vivare en [huurder] genoemd.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 7 mei 2014 en de daarin genoemde gedingstukken;
- de aantekeningen van de griffier van de comparitie van partijen van 11 juli 2014.

2.De vordering en het verweer

2.1.
Vivare vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,
A. de huurovereenkomst zal ontbinden;
B. [huurder] zal veroordelen om het gehuurde te ontruimen en te verlaten met al het zijne en de zijnen en het gehuurde onder afgifte van de sleutels ter vrije beschikking van Vivare te stellen en te laten;
C. [huurder] zal veroordelen tot betaling van
1. € 1.411,48, vermeerderd met de wettelijke rente over € 1.188,28 vanaf de dag van dagvaarding tot aan die van de algehele voldoening;
2. de nog verschijnende huurtermijnen vanaf mei 2014, thans € 594,14, of zoveel hoger als bij een wettelijke huurverhoging zou zijn toegelaten, per maand tot aan de datum van ontbinding van de huurovereenkomst;
3. als schadevergoeding wegens huurderving na ontbinding van de huurovereenkomst € 594,14, of zoveel hoger als bij een wettelijke huurverhoging zou zijn toegelaten, per maand (of gedeelte daarvan) tot aan de feitelijke ontruiming;
4. de proceskosten.
2.2.
De vordering is gegrond op de stelling dat Vivare aan [huurder] heeft verhuurd de woning met aan- en toebehoren aan de [adres] (verder te noemen: de woning) tegen een huurprijs van € 594,14 per maand, en dat [huurder] een betalingsachterstand heeft laten ontstaan. Na sommatie respectievelijk na dagvaarding heeft [huurder] nog betalingen verricht, zodat de achterstand op de datum van de comparitie € 1.188,28 beloopt. Het gevorderde bedrag omvat verder € 178,24 voor buitengerechtelijke incassokosten, € 37,43 voor BTW over de buitengerechtelijke incassokosten, en € 7,53 voor rente tot aan de dag van dagvaarding.
2.3.
[huurder] voert gemotiveerd verweer.

3.De beoordeling

3.1.
[huurder] voert het volgende aan. Zijn bedrijf is failliet verklaard. Hij heeft een bijstandsuitkering aangevraagd. Die aanvraag duurt twee maanden. Hij heeft Vivare over een en ander ingelicht, maar Vivare is niettemin overgegaan tot dagvaarding. Tot aan het faillissement heeft hij de huur altijd op tijd betaald. Nadat hem de bijstandsuitkering was toegekend, heeft hij de huurbetaling hervat en heeft hij er alles aan gedaan om de achterstand in te lopen.
3.2.
Vivare heeft niet betwist dat [huurder] haar over de hiervoor weergegeven omstandigheden heeft ingelicht. Zij stelt bevoegd te zijn invorderingsmaatregelen te nemen zodra de huur niet tijdig wordt betaald.
3.3.
De kantonrechter overweegt dat Vivare, gegeven de omstandigheid dat zij veelvuldig vorderingen als deze instelt, behoort te weten dat zij niet binnen twee maanden na dagvaarding - laat staan binnen twee maanden nadat een betalingsachterstand is ontstaan - een vonnis kan krijgen waarbij de huurovereenkomst wordt ontbonden en de ontruiming van de woning wordt bevolen. Tussen partijen staat vast dat [huurder] bij het ontstaan van de betalingsachterstand aan Vivare heeft meegedeeld dat hij na twee maanden, namelijk als hem een bijstandsuitkering zou zijn toegekend, weer aan zijn betalingsverplichting zou kunnen voldoen, en hij dat ook daadwerkelijk heeft gedaan, zoals ter zitting door hem is gesteld en door Vivare niet is bestreden. Vivare heeft dan ook geen rechtens te respecteren belang bij haar vordering tot ontbinding en ontruiming.
3.4.
De bedoelde mededeling van [huurder] bracht verder mee dat Vivare geen kosten had behoeven te maken voor buitengerechtelijke incassowerkzaamheden. Ter zitting is voorts gebleken dat de huurachterstand inmiddels is aangezuiverd. De vordering zal dan ook in haar geheel worden afgewezen.
3.5.
Het hiervoor overwogene leidt tevens tot de conclusie dat Vivare deze procedure nodeloos heeft geëntameerd. Zij zal dan ook als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. De aan de zijde van [huurder] gevallen kosten worden begroot op nihil.

4.De beslissing

De kantonrechter
4.1.
wijst de vordering af;
4.2.
veroordeelt Vivare in de kosten van het geding, tot op deze uitspraak aan de zijde van [huurder] begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. J.R. Veerman en in het openbaar uitgesproken op