ECLI:NL:RBGEL:2014:5189
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering intrekking monumentenstatus en sloopvergunning leidt niet tot schadevergoeding
Eiser was mede-eigenaar van een perceel met een woning die onder monumentenstatus viel. In de koopovereenkomst was een opschortende voorwaarde opgenomen dat een extra bedrag van €60.000,- zou worden betaald indien de monumentenstatus werd ingetrokken of een sloopvergunning werd verleend. De gemeente weigerde beide verzoeken, waarop eiser een schadevergoeding eiste op grond van artikel 22 van Pro de Monumentenverordening 2003.
De rechtbank stelde vast dat eiser daadwerkelijk €60.000,- misliep doordat de opschortende voorwaarde niet werd vervuld, maar oordeelde dat er geen oorzakelijk verband bestond tussen de weigering van de gemeente en de geleden schade. Adviezen van deskundigen Langhout en SAOZ toonden aan dat de monumentenstatus geen waardedrukkend effect had op de marktwaarde van de onroerende zaak.
Eiser overhandigde een taxatie van een NVM-makelaar die een waardevermindering suggereerde, maar de rechtbank vond deze onvoldoende onderbouwd en niet overtuigend. De gemeente had terecht geconcludeerd dat de besluitvorming niet tot schade had geleid. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat geen oorzakelijk verband bestaat tussen de besluiten en de schade van eiser.