Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 20 november 2013
- het deskundigenbericht van 23 januari 2014
- de conclusie na deskundigenbericht van [eiser]
- de antwoordconclusie na deskundigenbericht van Blgg.
Rechtbank Gelderland
Eiser vordert een verklaring voor recht dat BLGG toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de overeenkomst van opdracht betreffende een aaltjesonderzoek op zijn perceel in februari 2010.
De rechtbank baseert zich op een deskundigenrapport dat stelt dat de kans op een vals negatieve uitslag bij de bemonstering verwaarloosbaar klein is en dat de besmetting met Pratylenchus penetrans al bij de eerste bemonstering aanwezig was. BLGG betwist dit en voert aan dat de bemonsterde gebieden in februari en juli 2010 niet gelijk zijn en dat de besmetting pas later is toegenomen.
De deskundige weerlegt dit door aan te tonen dat de besmetting verspreid was over het perceel en dat de verschillen in bemonsterde gebieden niet van wezenlijk belang zijn. De rechtbank volgt dit oordeel en stelt vast dat BLGG toerekenbaar tekort is geschoten. De schade is aannemelijk, maar de omvang wordt in een aparte procedure vastgesteld. Een gevorderd voorschot wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van schadehoogte. BLGG wordt veroordeeld tot schadevergoeding, betaling van kosten deskundigenbericht en proceskosten, met veroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: BLGG is toerekenbaar tekortgeschoten en aansprakelijk voor de schade van eiser, met veroordeling tot schadevergoeding en proceskosten.