Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Bosschaart Industrial Coating Company B.V.,
[gedaagde sub 2],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 5 maart 2014
- het proces-verbaal van comparitie van 10 april 2014.
Rechtbank Gelderland
De curator van het faillissement van Bosschaart Industrial Coating Company B.V. (BICC) vordert dat de bestuurders en aandeelhouders hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor een bedrag van €500.930,30, vermeerderd met rente en kosten. Dit bedrag betreft betalingen die BICC heeft verricht na het besluit tot beëindiging van de onderneming, waarvan de curator stelt dat deze onrechtmatig en paulianeus zijn, en dat de activa onrechtmatig aan BICC zijn onttrokken.
De bestuurders betwisten dat de activa aan BICC toebehoorden en voeren verweren zoals verjaring en het ontbreken van onrechtmatigheid. Zij stellen dat betalingen aan onder meer [gedaagde sub 1] terugbetalingen van een overbruggingskrediet betroffen en dat de vorderingen verjaard zijn. Daarnaast wordt betwist dat sprake is van paulianeus handelen.
De rechtbank constateert dat essentiële stukken, zoals de koopovereenkomst met Amstel Lease, de factuur van NV Groep Carpentier en bankafschriften met betrekking tot het overbruggingskrediet, ontbreken. Daarom beveelt zij partijen deze stukken in het geding te brengen. Totdat deze stukken zijn overgelegd, houdt de rechtbank verdere beslissing aan.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan en beveelt partijen aanvullende stukken in het geding te brengen.