Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 5 maart 2014
- de akte van [gedaagde] d.d. 16 april 2014
- de antwoordakte van [eisers] d.d. 14 mei 2014.
2.De verdere beoordeling
in conventie en in reconventie
5 maart 2014. In dat tussenvonnis is in r.o. 2.8. het volgende overwogen:
3.De beslissing
6 augustus 2014voor het nemen van een akte door [gedaagde] over hetgeen is vermeld onder 2.7., waarna de wederpartij op de rol van vier weken daarna een antwoordakte kan nemen,