Uitspraak
1.De procedure
24 april 2014.
Rechtbank Gelderland
Op 17 oktober 2014 heeft de kantonrechter van de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een erfrechtprocedure betreffende de nalatenschap van een overleden erflater. De verzoeker, zoon en erfgenaam, maakte bezwaar tegen de uitdelingslijst die door de vereffenaars was gepubliceerd. Hij betwistte onder meer de aanspraken van zijn moeder op het vermogen, het kadastraal onderzoek naar onroerende zaken en de hoogte van de kosten die de vereffenaars in rekening brachten.
De kantonrechter oordeelde dat alleen de juistheid van de uitdelingslijst ter beoordeling lag en dat meer algemene klachten over de werkwijze van de vereffenaars buiten beschouwing bleven. Het bezwaar over de aanspraken van de moeder faalde omdat de vereffenaars een onderbouwd standpunt hadden ingenomen en verzoeker geen concrete vorderingen had gesteld. Ook het betoog over onvoldoende kadastraal onderzoek werd verworpen, aangezien de vereffenaars de registers tweemaal hadden geraadpleegd en er geen aanwijzingen waren voor andere eigendommen.
Ten aanzien van de notariskosten en het loon van de vereffenaars oordeelde de kantonrechter dat deze redelijk waren gezien de omvang van de werkzaamheden en de gehanteerde uurtarieven. Het loon werd conform de opgave van de vereffenaars vastgesteld. Gezien het voorgaande werd het verzoek tot vernietiging van de uitdelingslijst afgewezen en werden de proceskosten gecompenseerd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de uitdelingslijst wordt afgewezen en het loon van de vereffenaars wordt vastgesteld.