Eisers hebben bezwaar gemaakt tegen de omgevingsvergunning die is verleend voor het oprichten en in werking hebben van een onbemand tankstation dat 24 uur per dag en zeven dagen per week geopend is. De vergunning bevatte voorschriften over verlichting en openingstijden die volgens eisers onvoldoende waren gemotiveerd en niet in overeenstemming met gemeentelijk beleid en de Algemene Richtlijnen betreffende lichthinder van de NSVV.
De rechtbank stelde in een tussenuitspraak vast dat de voorschriften omtrent verlichting te onbepaald waren, met name over de lichtsterkte na 23:00 uur, en dat de openingstijden niet consistent waren met de vergunningaanvraag. Verweerder kreeg de gelegenheid om deze gebreken te herstellen, wat leidde tot een gewijzigd besluit met aangepaste voorschriften, waaronder concrete grenswaarden voor lichtsterkte en het vervallen van eerdere openingstijdbeperkingen.
De rechtbank oordeelde dat het gewijzigde besluit bevoegd was genomen door de omgevingsdienst Veluwe IJssel en dat de nieuwe voorschriften de gebreken uit de tussenuitspraak hebben hersteld. De belangenafweging waarbij de exploitatie van het tankstation zwaarder werd gewogen dan de lichthinder van eisers werd als redelijk beoordeeld. Het beroep tegen het oorspronkelijke besluit werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang, en het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond. Vergoeding van griffierecht werd toegekend aan eisers.