ECLI:NL:RBGEL:2014:7891

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
24 november 2014
Publicatiedatum
18 december 2014
Zaaknummer
273590 KG RK 14-957
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na uitspraak rechtbank

Verzoekster, een vereniging, diende op 10 november 2014 een wrakingsverzoek in tegen mr. D.J. Post, rechter in de rechtbank Gelderland, betreffende zaken met nummers ARN 14/6575 WABOA en ARN 14/6227 WABOA. Dit verzoek kwam nadat de gewraakte rechter op 7 november 2014 mondeling uitspraak had gedaan, waarmee de behandeling van de zaak was afgerond.

De rechtbank oordeelde dat de wet geen mogelijkheid biedt om wraking te verzoeken nadat een einduitspraak is gewezen. Omdat het wrakingsverzoek pas na deze uitspraak was ingediend, kon het niet in behandeling worden genomen. Daarom werd verzoekster niet-ontvankelijk verklaard.

Gezien deze niet-ontvankelijkheid vond er geen mondelinge behandeling plaats. De beschikking werd op 24 november 2014 in het openbaar uitgesproken door de wrakingskamer van de rechtbank Gelderland, bestaande uit voorzitter H.P.M. Kester-Bik en rechters P.J. Wiegman en M.J. van Lee, in aanwezigheid van griffier B.J.M. Vermulst.

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open, waarmee de uitspraak definitief is.

Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de einduitspraak is ingediend.

Uitspraak

144469 / KG ZA 06-51919 september 2006
Wrakingskamer
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer: 273590 KG RK 14-957
Beschikking van 24 november 2014
inzake het verzoek van
[Vereniging],
gevestigd te [vestigingsplaats],
verzoekster tot wraking,
tot wraking van
mr. D.J. Post,
in zijn hoedanigheid van rechter van deze rechtbank in de zaken met nummers
ARN 14 / 6575 WABOA en ARN 14/ 6227 WABOA.

1.De procedure

1.1.
Bij schrijven van 10 november 2014 heeft verzoekster een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. D.J. Post (hierna: de gewraakte rechter).

2.De beoordeling

2.1. De wet voorziet niet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van een zaak is geëindigd door het wijzen van een einduitspraak, wraking te verzoeken van de rechter die deze uitspraak heeft gedaan. Bij uitspraak van 7 november 2014 heeft de gewraakte rechter mondeling uitspraak gedaan in de procedure met nummers ARN 14 / 6575 WABOA en ARN 14/ 6227 WABOA. Het wrakingsverzoek is gedateerd op 10 november 2014, dus nadat de uitspraak is gedaan, en kan dus niet in behandeling worden genomen. De rechtbank zal verzoekster dan ook niet-ontvankelijk verklaren in haar verzoek.
2.2.
Nu duidelijk is dat verzoekster niet-ontvankelijk is in haar wrakingsverzoek is afgezien van een mondelinge behandeling.

3.De beslissing

De rechtbank
verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek om wraking.
Deze beschikking is gegeven door mr. H.P.M. Kester-Bik, als voorzitter, en mrs. P.J. Wiegman en M.J. van Lee als rechters in tegenwoordigheid van de griffier mr. B.J.M. Vermulst en in het openbaar uitgesproken op 24 november 2014.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.