Uitspraak
Achmea Schadeverzekeringen N.V., h.o.d.n. Interpolis
Rechtbank Gelderland
Op 16 augustus 2009 werd ingebroken in de woning van de verzekeringnemer, die verzekerd was bij Achmea. De man en vrouw werden kort na de inbraak aangehouden en door de politierechter veroordeeld voor medeplegen van woninginbraak en beschadiging van enig goed. Achmea vergoedde de schade aan de verzekeringnemer en trad op grond van subrogatie in diens rechten om verhaal te halen op de daders.
Achmea vorderde hoofdelijke aansprakelijkheid van beide gedaagden op grond van onrechtmatige daad (art. 6:162 BW Pro) en stelde dat de strafvonnissen dwingend bewijs zijn van hun onrechtmatig handelen. De gedaagden voerden verweer dat niet vaststaat wie welke schade heeft veroorzaakt en dat niet aan alle vereisten voor onrechtmatige daad is voldaan.
De rechtbank oordeelde dat de strafvonnissen dwingend bewijs leveren van het onrechtmatig handelen van beide gedaagden en dat zij de zorgvuldigheidsnorm hebben geschonden door deel te nemen aan groepsgedrag waarbij schade werd toegebracht. De man erkende bovendien de diefstal van de kluis. De rechtbank wees het verweer tegen de hoogte van de schade af wegens niet tijdig ingebracht en matigde de buitengerechtelijke incassokosten tot een redelijk bedrag.
De rechtbank veroordeelde de gedaagden hoofdelijk tot betaling van €10.364,53, vermeerderd met wettelijke rente, en tot betaling van de proceskosten. De veroordelingen werden uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €10.364,53 schadevergoeding en proceskosten aan Achmea.