Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Procesverloop
2.Feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
5.Proceskosten
6.Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Gelderland
Eiser heeft in eerste aanleg beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn verzoek om belastingrente over de teruggaaf van € 3.605 in verband met de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2012.
De partner van eiser had in 2011 medische kosten in Duitsland gemaakt die niet door de zorgverzekeraar werden vergoed. Deze kosten waren aanvankelijk niet opgenomen in de aangifte IB/PVV 2011. Op advies van een bekende heeft eiser nog voor de vaststelling van de aanslagen 2011 en 2012 een verzoek ingediend om de persoonsgebonden aftrek te verhogen, wat door verweerder is ingewilligd. Hierdoor werd de persoonsgebonden aftrek in 2011 verhoogd en het resterende bedrag doorgeschoven naar 2012, wat leidde tot een teruggaaf van € 3.605.
Verweerder weigerde echter belastingrente te vergoeden over deze teruggaaf. De rechtbank oordeelt dat het verzoek tot verhoging van de persoonsgebonden aftrek ook geldt als een aanvulling op de aangifte 2012. Aangezien de aanslag 2012 is vastgesteld overeenkomstig deze aangevulde aangifte en de wettelijke voorwaarden voor belastingrentevergoeding zijn vervuld, heeft eiser recht op vergoeding van belastingrente over het bedrag van € 3.605.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar, gelast verweerder belastingrente te vergoeden en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak. Tevens wordt verweerder gelast het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Eiser heeft recht op vergoeding van belastingrente over de teruggaaf van € 3.605 in 2012.