Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van [eiser]
- de pleitnota van Vitesse.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
816,00
Rechtbank Gelderland
Eiser, voormalig grootaandeelhouder en voorzitter van de Raad van Commissarissen van voetbalclub Vitesse, werd geconfronteerd met een lokaal stadionverbod van 36 maanden opgelegd door Vitesse. Dit verbod betreft het betreden van het Gelredome en het trainingscomplex Papendal. De aanleiding was het gedrag van eiser, waaronder herhaalde bedreigingen aan het adres van de algemeen directeur van de club.
Vitesse baseerde het stadionverbod op haar huisrecht, los van de KNVB-regels. De rechtbank oordeelde dat Vitesse daartoe bevoegd was, aangezien zij gebruiksrechten heeft op de locaties en het huisrecht kan uitoefenen om toegang te ontzeggen. De bedreigingen, waaronder uitingen over het afhakken van vingers en hoofden, werden door eiser niet betwist en waren ernstig genoeg om het verbod te rechtvaardigen.
Hoewel eiser stelde dat de bedreigingen als grapjes bedoeld waren, oordeelde de rechtbank dat deze uitlatingen onder de gegeven omstandigheden ernstig en bedreigend waren, mede gezien de voorbeeldfunctie van eiser binnen de club. Het OM had de zaak strafrechtelijk afgedaan met een taakstraf. De rechtbank wees de vorderingen van eiser af en veroordeelde hem in de proceskosten.
Uitkomst: Het lokaal stadionverbod van 36 maanden tegen eiser wordt bevestigd en zijn vorderingen worden afgewezen.