Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE LINGEWAARD,
DE GEMEENTE LINGEWAARD,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.788,--(2 punten × tarief € 894,--)
Rechtbank Gelderland
Eiseres wilde een escortbedrijf vestigen in de gemeente Lingewaard en voerde daartoe gesprekken met gemeentelijke functionarissen. Zij ontving per e-mail informatie dat een melding volstond om te starten, zonder dat een schriftelijke bevestiging van de melding vereist was. Eiseres stelde dat zij onjuiste en onvolledige inlichtingen had gekregen, waardoor zij haar bedrijf niet tijdig kon starten en schade leed.
De gemeente stelde dat de bevestiging die eiseres verlangde, uitsluitend nodig was voor een uitkeringsaanvraag bij een andere gemeente en niet voor het starten van het bedrijf. De rechtbank oordeelde dat er sprake was van een misverstand tussen partijen over de noodzaak van een bevestiging. Eiseres had niet expliciet om een bevestiging gevraagd die noodzakelijk was voor de start van haar bedrijf.
Verder was de eis van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor zowel eiseres als haar partner een bekend vereiste uit de Algemene Plaatselijke Verordening en werd deze eis niet gesteld als voorwaarde om te starten, maar in het kader van handhaving en uitkeringsaanvraag.
De rechtbank concludeerde dat de gemeente niet onrechtmatig had gehandeld door onjuiste of onvolledige inlichtingen te verstrekken en dat er geen causaal verband bestond tussen het handelen van de gemeente en de door eiseres gestelde schade. De vordering werd daarom afgewezen en eiseres werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af omdat de gemeente geen onrechtmatige onjuiste of onvolledige inlichtingen heeft gegeven en er geen causaal verband bestaat met de gestelde schade.