ECLI:NL:RBGEL:2015:6295
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Ouweneel
- H.H.M. van Dijk
- M.J.A.L. Beljaars
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs poging tot zware mishandeling in Apeldoorn
Op 21 juli 2014 werd een man van 23 jaar uit Apeldoorn zwaar mishandeld, waarbij hij letsel opliep en medische behandeling nodig had. De verdachte, een 22-jarige man uit Apeldoorn, werd ervan verdacht met een sok gevuld met remblokken het slachtoffer te hebben geslagen en gestompt.
De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van drie maanden wegens poging tot zware mishandeling. Tijdens de terechtzitting verklaarde het slachtoffer dat verdachte hem meerdere keren met een sok met remblokken had geslagen en gestompt, wat leidde tot ernstig letsel. Enkele getuigen zagen een ruzie tussen mannen, waarbij één man op verdachte leek, maar niemand zag verdachte daadwerkelijk het slachtoffer slaan.
De rechtbank oordeelde dat de aangifte en het letsel van het slachtoffer onvoldoende bewijs vormen om wettig en overtuigend vast te stellen dat verdachte de dader was. Er was geen aanvullend bewijs dat verdachte daadwerkelijk het letsel heeft toegebracht. Verdachte maakte gebruik van zijn zwijgrecht. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten.
Daarnaast wees de rechtbank de vordering af tot tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde straf. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Gelderland te Zutphen op 12 oktober 2015.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor poging tot zware mishandeling.