Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2015:6391

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
1 oktober 2015
Publicatiedatum
16 oktober 2015
Zaaknummer
4341875 BM VERZ 15-4753
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:449 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing bewind wegens ontbreken vertrouwen tussen rechthebbende en bewindvoerder

De rechtbank Gelderland heeft bij beschikking van 1 oktober 2015 het bewind opgeheven dat was ingesteld over de goederen van de rechthebbende. Het bewind was ingesteld bij beschikking van 10 oktober 2014. De rechthebbende had een verzoek ingediend tot ontslag van de huidige bewindvoerder en benoeming van een nieuwe vanwege een vertrouwensbreuk en onvrede over de uitvoering van het bewind.

Tijdens de zitting op 14 september 2015 werd de rechthebbende in de gelegenheid gesteld een nieuwe bewindvoerder te zoeken. Er werd echter geen bereidverklaring van een nieuwe bewindvoerder ontvangen. De rechthebbende gaf telefonisch aan haar administratie aan een gemeentelijke instantie te zullen geven. De kantonrechter oordeelde dat voortzetting van het bewind niet zinvol is en dat benoeming van een nieuwe bewindvoerder niet tot een werkbare situatie zal leiden.

De kantonrechter besloot daarom het bewind op te heffen en het verzoek tot ontslag van de huidige bewindvoerder en benoeming van een andere bewindvoerder af te wijzen. De beslissing is in het openbaar uitgesproken en kan binnen drie maanden door de verzoeker of belanghebbenden met tussenkomst van een advocaat worden aangevochten bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het bewind wordt opgeheven wegens ontbreken van vertrouwen en het ontbreken van een nieuwe bewindvoerder.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team bewind en erfrecht
Zittingsplaats Zutphen
zaakgegevens 4341875 BM VERZ 15-4753
bm nummer 47372
uitspraak van 1 oktober 2015

beschikking van de kantonrechter

op verzoek van

[rechthebbende] ,

wonende te [plaats, adres]
geboren te [plaats] op [1960]

hierna ook te noemen rechthebbende

van wie de bewindvoerder is

[bewindvoerder]

gevestigd te [plaats, adres]

hierna te noemen bewindvoerder

De procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoek met bijlagen, ter griffie ingekomen op 4 augustus 2015;
- de schriftelijke reactie van de bewindvoerder, ter griffie ingekomen op 27 augustus 2015;
- een bereidverklaring van de voorgestelde nieuwe bewindvoerder;
- de zittingsaantekeningen gemaakt door de griffier tijdens de mondelinge behandeling van 14 september 2015;
- de notitie van een telefoongesprek op 29 september 2015 van rechthebbende met een medewerkster van het team bewind en erfrecht van deze rechtbank.

De feiten

Bij beschikking d.d. 10 oktober 2014 van de rechtbank Gelderland, afdeling Civiel Recht, team bewind en erfrecht, zittingsplaats Arnhem is een bewind ingesteld over de goederen die toebehoren of zullen toebehoren aan de rechthebbende en is tot bewindvoerder benoemd: [bewindvoerder] , voornoemd.

Het verzoek

De rechthebbende heeft een verzoek tot ontslag van de huidige bewindvoerder en benoeming van een andere bewindvoerder ingediend. De rechthebbende krijgt geen openheid en duidelijkheid en heeft het vertrouwen in de bewindvoerder verloren. Er is een conflict ontstaan over een verhuizing. De rechthebbende vindt dat de bewindvoerder niet goed bereikbaar is. De rechthebbende heeft geen vakantiegeld gezien. Er wordt geld besteed aan een ING rekening waar niets op staat.

Het standpunt van de bewindvoerder

De bewindvoerder heeft schriftelijk gereageerd. Er is altijd goed contact geweest met de rechthebbende. De taak om de verhuizing te regelen lag bij de rechthebbende zelf. Er is onenigheid geweest over het overnemen van spullen van de vorige bewoonster. Uiteindelijk heeft de rechthebbende zelf de verhuizing afgeblazen. De ING rekening is gekoppeld aan een lening en moet daarom blijven bestaan. De vaste lasten worden betaald. De keuzes die worden gemaakt zijn in het belang van de rechthebbende.

De beoordeling

Ingevolge artikel 1:449 lid 2 van Pro het BW, voor zover thans van belang, kan de kantonrechter een bewind opheffen indien de noodzaak daartoe niet meer bestaat of voortzetting van het bewind niet zinvol is gebleken, op verzoek van de bewindvoerder of van degene die gerechtigd is de onderbewindstelling te verzoeken danwel ambtshalve.
De kantonrechter is van oordeel dat in dit geval is komen vast te staan dat voortzetting van het bewind niet meer zinvol is. Het verzoek tot ontslag van de huidige bewindvoerder en benoeming van een andere bewindvoerder is behandeld op de zitting van 14 september 2015. Ter zitting heeft de kantonrechter de rechthebbende in de gelegenheid gesteld op zoek te gaan naar een nieuwe bewindvoerder omdat voor een goede uitvoering van het bewind noodzakelijke vertrouwen tussen de rechthebbende en de bewindvoerder is komen te ontbreken. De kantonrechter heeft geen bereidverklaring van een nieuwe bewindvoerder ontvangen. De rechthebbende heeft op 29 september 2015 telefonisch kenbaar gemaakt dat zij heeft besloten dat er geen nieuwe bewindvoerder komt en dat zij haar administratie aan een gemeentelijke instantie geeft. Aangezien niet valt te verwachten dat benoeming van een door de kantonrechter te bepalen bewindvoerder leidt tot een werkbare situatie zal de kantonrechter overgaan tot opheffing van het bewind. Deze mogelijke beslissing is ter zitting met rechthebbende besproken.
Een beslissing op het ontslagverzoek kan gezien het vorenstaande achterwege blijven.

De beslissing

De kantonrechter
  • heft op het bewind dat is ingesteld over de goederen die toebehoren of zullen toebehoren aan [rechthebbende] , geboren te [plaats] op [1960] ;
  • wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door de kantonrechter mr. T.I. Spoor en in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2015.
Tegen deze beslissing kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
a. door de verzoeker en degenen aan wie de griffier een afschrift van deze beschikking heeft verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.