ECLI:NL:RBGEL:2015:6700
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering nabestaandenuitkering bij gezamenlijke huishouding zonder melding
Eiseres ontving vanaf december 1998 een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (Anw). Vanaf augustus 1999 tot oktober 2010 woonde zij samen met de biologische vader van haar kind, zonder dit te melden aan de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Verweerder herzag de uitkering met terugwerkende kracht vanaf december 2004 en vorderde het teveel betaalde bedrag terug.
Eiseres voerde aan dat zij niet op de hoogte was dat de uitkering ten onrechte werd verstrekt en dat er bijzondere omstandigheden waren, zoals bedreiging door de partner en haar psychische situatie, die terugvordering kennelijk onredelijk maken. Verweerder stelde dat eiseres niet aan haar verplichtingen had voldaan, onder meer door het opmaken van valse kwitanties en het niet tijdig melden van wijzigingen.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet aan haar informatieplicht had voldaan en dat het beleid van verweerder omtrent terugvordering met terugwerkende kracht terecht werd toegepast. Er waren geen dringende redenen of bijzondere omstandigheden die afzien van terugvordering rechtvaardigen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de terugvordering van de nabestaandenuitkering wordt ongegrond verklaard.