Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
primair: op te heffen alle op 9 en 10 september 2015 namens [gedaagde] ten laste van [eiser] gelegde conservatoire (derden)beslagen:
Rechtbank Gelderland
Partijen, vader en zoon, zijn vennoten van een melkgeitenhouderij die zij willen beëindigen waarbij eiser de onderneming voortzet. Gedaagde legde conservatoir beslag op bankrekeningen, melkopbrengsten en onroerende zaken van eiser ter verzekering van een vordering uit de vereffening van de vennootschap. De rechtbank oordeelt dat het beslag op het woonhuis onrechtmatig is omdat daarvoor geen verlof is verleend.
Eiser stelt dat de vordering van gedaagde ondeugdelijk is en dat het beslag zijn bedrijfsvoering ernstig belemmert. De rechtbank stelt vast dat de vordering voldoende aannemelijk is, mede op basis van een deskundigenrapport in de bodemprocedure. Het beslag op de Rabobank en Milkconnect raakt eiser in zijn liquiditeit waardoor het voortbestaan van zijn bedrijf gevaar loopt.
De belangenafweging leidt tot opheffing van het beslag op de Rabobank en toekomstige melkopbrengsten bij Milkconnect, terwijl het beslag op het woonhuis en overige beslagen blijft. Het verzoek om een verbod op nieuw beslag wordt afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op bankrekeningen en toekomstige melkopbrengsten wordt opgeheven vanwege onevenredige belemmering van de bedrijfsvoering, terwijl het beslag op het woonhuis en overige beslagen blijft.