Uitspraak
't College B.V.
Rechtbank Gelderland
De werknemer trad per 1 april 2015 in dienst bij het College B.V. als manager voor de duur van één jaar. Na de opening van het restaurant op 15 mei 2015 ontstond een arbeidsconflict, waarbij de werknemer zich tweemaal ziek meldde. Het College sprak op 14 juli 2015 ontslag op staande voet uit wegens vermeende onjuiste informatie over diploma’s en herhaaldelijke werkweigering.
De werknemer betwistte de dringende reden en stelde dat het ontslag onregelmatig was. De kantonrechter stelde vast dat het College onvoldoende bewijs leverde voor de gestelde dringende redenen en dat de werknemer zich ziek had gemeld, waarbij de bedrijfsarts geen arbeidsongeschiktheid constateerde maar wel een arbeidsconflict adviseerde op te lossen.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was en wees de vergoeding ex artikel 7:681 lid 1 sub a BW Pro af, maar kende wel de vergoeding ex artikel 7:672 lid 9 BW Pro toe. Daarnaast werden achterstallig loon, overuren, vakantietoeslag en niet-genoten vakantiedagen toegewezen. De vordering tot afgifte van een getuigschrift en buitengerechtelijke kosten werden afgewezen. Het College werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is onregelmatig en het College moet een vergoeding en achterstallige loonbetalingen aan de werknemer voldoen.