Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 29 april 2015 en de daarin genoemde gedingstukken;
- producties, in het geding gebracht door mr. Van Delden voornoemd bij brieven van 19 en 25 augustus 2015;
- het verkort proces-verbaal van comparitie van 2 september 2015.
2.De feiten
1.De van toepassing zijnde vergoedingen en de hoogte daarvan worden vastgelegd in de
- € 2,82 per m2 belemmerde strook binnen 2 x 7,5 meter vanuit de hartlijn van de verbinding, met een minimum van € 1.000,-;
- € 1,41 per m2 overige belemmerde strook;
- € 1,12 per m2 werkterrein (tijdelijke) gebruiksovereenkomst met een minimum van € 100,- voor de eerste 25 meter werkterrein in geval van werkstroken bij ondergrondse verbinding;
- € 0,56 per m2 werkterrein (tijdelijke) gebruiksovereenkomst voor de overige m2 werkterrein (incl. toegangswegen en lier opstelplaatsen).
3.Het geschil
4.De beoordeling
“Artikel 1
Artikel 2
kanworden opgelegd, niet volgt dat TenneT een periodieke retributie
moetbetalen. De bepaling opent de mogelijkheid van een periodieke retributie, maar stelt die niet op voorhand verplicht. Dat leidt tot de conclusie dat een recht van opstal zonder verplichting om aan de eigenaar op al dan niet regelmatig terugkerende tijdstippen een geldsom - de retributie - te betalen evenzeer denkbaar is.