ECLI:NL:RBGEL:2015:7711

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
4 november 2015
Publicatiedatum
11 december 2015
Zaaknummer
286396
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • N.W. Huijgen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 222 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing incidentele vordering tot voeging wegens doorhaling zaak

In deze civiele procedure vordert de vennootschap onder firma [VOF] de voeging van de hoofdzaak met een andere zaak die ambtshalve is doorgehaald. De rechtbank stelt vast dat deze zaak sinds 1 oktober 2014 van de rol is gehaald en nog niet opnieuw is opgebracht, waardoor voeging niet mogelijk is.

De rechtbank verwijst de zaak naar de rol om [VOF] de gelegenheid te geven de doorgehaalde zaak opnieuw op te brengen. Beide partijen krijgen vervolgens de mogelijkheid om zich schriftelijk uit te laten over deze kwestie.

De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan totdat de procedure over de doorhaling en eventuele voeging is voortgezet. Het vonnis is gewezen door rechter N.W. Huijgen en op 4 november 2015 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De vordering tot voeging wordt afgewezen omdat de te voegen zaak ambtshalve is doorgehaald en nog niet opnieuw is opgebracht.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer / rolnummer: C/05/286396 / HA ZA 15-399 / 172 / 498
Vonnis in incident van 4 november 2015
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[naam] BETON B.V.,
gevestigd te Tilburg,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
proces-advocaat mr. F.A.M. Knüppe te Arnhem,
behandelend advocaat mr. G.J. van de Kamp te Arnhem,
tegen
1. de vennootschap onder firma
[VOF],
gevestigd te Scherpenzeel,
2.
[gedaagde],
wonende te Scherpenzeel,
3.
[gedaagde 1],
wonende te Scherpenzeel,
gedaagden in de hoofdzaak,
eisers in het incident,
proces-advocaat mr. J.M.W. Werker te Arnhem,
behandelend advocaat mr. P.E. Mazel te Groningen.
Partijen zullen hierna [naam] en [VOF] genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding met producties
  • de incidentele conclusie van eis strekkende tot voeging ex artikel 222 Rv Pro van [VOF]
  • de incidentele conclusie van antwoord van [naam] .
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.De beoordeling in het incident

2.1.
[VOF] vordert dat de hoofdzaak wordt gevoegd met de bij deze rechtbank aanhangige zaak met het zaaknummer / rolnummer C/05/221910 / HA ZA 11-1402.
2.2.
De rechtbank stelt vast dat de zaak met het zaaknummer / rolnummer C/05/221910 / HA ZA 11-1402 reeds op 1 oktober 2014 ambtshalve is doorgehaald op de rol en tot op heden niet opnieuw daarop is opgebracht. Zolang dat niet is gebeurd, kan voeging van die zaak met de onderhavige hoofdzaak niet aan de orde zijn. Om proces-economische reden zal de rechtbank de zaak daarom naar de rol verwijzen teneinde [VOF] in de gelegenheid te stellen genoemde zaak opnieuw op te brengen op de rol. Beide partijen kunnen zich dan ook gelijktijdig bij akte hierover uitlaten.
2.3.
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.De beslissing

De rechtbank
in het incident
3.1.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
18 november 2015teneinde [VOF] in de gelegenheid te stellen de zaak met het zaaknummer / rolnummer C/05/221910 / HA ZA 11-1402 opnieuw op te brengen op de rol, alsmede voor het nemen van een akte door [naam] en [VOF] over deze kwestie,
3.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. N.W. Huijgen en in het openbaar uitgesproken op 4 november 2015.
Coll.: MvG