ECLI:NL:RBGEL:2015:8363

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
4 februari 2015
Publicatiedatum
6 september 2019
Zaaknummer
3629944\VV EXPL 14-304
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing kort geding vordering tot werkhervatting en rehabilitatie na non-actiefstelling

Eiser is door Zorggroep per direct en zonder geldige reden op non-actief gesteld. Zorggroep heeft aan het personeel meegedeeld dat eiser vanaf 18 oktober 2014 niet meer in dienst zou zijn. Eiser stelt dat er geen functionerings- of beoordelingsgesprekken zijn geweest en dat de verwijten niet zijn onderbouwd. Hij vordert in kort geding dat hij binnen twee dagen wordt toegelaten tot zijn werkzaamheden en dat Zorggroep een schriftelijke rehabilitatie-uitspraak doet aan haar medewerkers.

Zorggroep voert verweer en heeft een ontbindingsprocedure ingesteld waarin reeds is geoordeeld dat de arbeidsovereenkomst per 15 februari 2015 zal eindigen. De kantonrechter overweegt dat nu het dienstverband op korte termijn eindigt, eiser geen belang meer heeft bij zijn vorderingen in kort geding.

Daarom wijst de kantonrechter de vorderingen af en veroordeelt eiser in de proceskosten, begroot op € 400,- aan salaris voor de gemachtigde van Zorggroep. Het vonnis is gewezen door de kantonrechter E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen af omdat de arbeidsovereenkomst op korte termijn zal eindigen.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK GELDERLAND
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaakgegevens 3629944 \ VV EXPL 14-304 \ 499
uitspraak van
vonnis in kort geding
in de zaak van
[eiser]
wonende te Groesbeek
eisende partij
gemachtigde mr. N.A. Viellevoye-Geers
tegen
de besloten vennootschap
Zorggroep Kans B.V.
gevestigd te Arnhem
gedaagde partij
gemachtigde mr. J. Kalisvaart
Partijen worden hierna [eiser] en Zorggroep genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 16 december 2015 met producties;
- de conclusie van antwoord van 13 januari 2015 met producties;
- de brief van 12 januari 2015 van de zijde van [eiser] met productie;
- de e-mail van 13 januari 2015 van de zijde van Zorggroep met producties;
- de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling van 13 januari 2015 mede inhoudende de pleitnotities van de gemachtigde van [eiser] en de gemachtigde van Zorggroep.
1.2.
Zorggroep heeft een ontbindingsprocedure (met rolnummer 3756357 HA VERZ 15-13) ingesteld waarin (eveneens vandaag) uitspraak zal worden gedaan. Wat betreft de feiten wordt in dit kort geding vonnis verwezen naar de beschikking in de ontbindingsprocedure.

2.De vordering en het verweer

2.1.
[eiser] vordert in kort geding veroordeling van Zorggroep:
1. om hem binnen twee dagen na betekening van dit vonnis toe te laten tot zijn werkzaamheden in de functie van manager Operationele Zaken dan wel Office Manager dan wel een andere gelijkwaardige functie binnen de organisatie met gelijkblijvende arbeidsvoorwaarden, één en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom van
€ 1.000,00 per dag voor iedere dag (een gedeelte van de dag daaronder begrepen) dat Zorggroep in gebreke blijft aan dit onderdeel van het vonnis te voldoen;
2. om binnen twee dagen na betekening van dit vonnis aan al haar medewerkers aan wie zij omtrent de op non-actiefstelling en vermeend einde dienstverband van [eiser] heeft bericht, bij wijze van rehabilitatie, de navolgende schriftelijke mededeling te doen:
‘Op 17 oktober 2014 hebben wij de heer [eiser] ten onrechte op non-actief gesteld. De rechtbank Gelderland, sector kanton, locatie Arnhem heeft ons derhalve veroordeeld om de heer [eiser] weer tot werk toe te laten en hem door middel van deze mededeling te rehabiliteren.’;
een en ander op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag voor iedere dag (een gedeelte van een dag daaronder begrepen) dat Zorggroep in gebreke blijft aan dit onderdeel van het vonnis te voldoen.
Tevens vordert hij een veroordeling van Zorggroep in de proceskosten.
2.2.
[eiser] legt het volgende aan zijn vordering ten grondslag. Hij is door Zorggroep per direct, zonder valide reden en voor hem geheel onverwacht, op non-actief gesteld. Aan het personeel is meegedeeld dat hij vanaf 18 oktober 2014 niet meer in dienst zou zijn. Op dezelfde dag is zijn echtgenote, [naam echtgenote van eiser], op non-actief gesteld. Er worden verwijten gemaakt, die op geen enkele manier worden onderbouwd. Er hebben nooit functionerings- of beoordelingsgesprekken plaatsgevonden; Zorggroep heeft nimmer aanmerkingen gehad op zijn functioneren. Nadien heeft Zorggroep getracht een dossier op te bouwen, waarbij feiten worden verdraaid en op geen enkele wijze de dialoog is gezocht, en waarbij is aangestuurd op een einde van het dienstverband. Daarom blijft hij aanspraak maken op loondoorbetaling en houdt hij zich beschikbaar voor werkzaamheden. Tevens is het voor hem van groot belang dat hij gerehabiliteerd wordt.
2.3.
Zorggroep voert gemotiveerd verweer, waarop hierna, voor zover relevant, zal worden ingegaan.

3.De beoordeling

3.1.
Het spoedeisend belang van de vordering vloeit voort uit de stellingen van
[eiser].
3.2.
In de door de Zorggroep ingestelde ontbindingsprocedure (met rolnummer 3756357 HA VERZ 15-13) is geoordeeld dat de arbeidsovereenkomst zal worden ontbonden per
15 februari 2015. Nu de arbeidsovereenkomst op korte termijn zal eindigen, heeft
[eiser] geen belang meer bij zijn vorderingen als hiervoor weergegeven. Deze worden dan ook afgewezen.
3.3.
[eiser] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten dragen.

4.De beslissing

De kantonrechter
rechtdoende als voorzieningenrechter
4.1.
wijst de vordering af;
4.2.
veroordeelt [eiser] in de proceskosten, tot deze uitspraak aan de kant van Zorggroep begroot op € 400,00 aan salaris voor de gemachtigde.
Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken op