ECLI:NL:RBGEL:2016:2610

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
29 maart 2016
Publicatiedatum
12 mei 2016
Zaaknummer
05/882002-15 (rc)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 30 lid 1 SvArt. 32 lid 1 SvArt. 32 lid 2 SvArt. 149a Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechter-commissaris wijst verzoek tot verstrekking kopie auditieve verhooropnamen toe

De advocaat van verdachte diende een bezwaarschrift in tegen de beslissing van de officier van justitie om geen kopieën van auditieve opnamen van verhoren van drie getuigen te verstrekken. De officier van justitie stond kennisneming toe op het politiebureau, maar weigerde kopieën te verstrekken omdat deze opnamen volgens hem geen processtukken waren.

De rechter-commissaris oordeelde dat de opnamen weliswaar niet de status van processtuk in de zin van artikel 149a Sv hebben, maar wel stukken zijn waarvan kennisneming is toegestaan volgens artikel 32 lid 1 Sv Pro. Daarnaast stelde de officier van justitie dat verstrekking van kopieën de persoonlijke levenssfeer zou schenden, maar onderbouwde dit niet voldoende.

Op grond van deze overwegingen verklaarde de rechter-commissaris het bezwaarschrift gegrond en droeg de officier van justitie op om aan de verdediging afschrift te verstrekken van de verhoren van de drie getuigen. De beschikking werd gegeven te Arnhem op 29 maart 2016.

Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard en de officier van justitie wordt opgedragen kopieën van de auditieve verhooropnamen aan de verdediging te verstrekken.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Kabinet rechter-commissaris
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05/882002-15
RC-nummer : 15/2138
Beschikking op een bezwaarschrift betreffende artikel 32, lid 4 van het Wetboek van Strafvordering.
De rechter-commissaris heeft ontvangen van de advocaat van verdachte

[verdachte]

wonende [adres] te [woonplaats] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats]
een bezwaarschrift tegen de beslissing van de officier van justitie om geen afschrift te verstrekken van stukken waarvan kennisneming wel is toegestaan.

Gezien

  • het verzoek van de raadsman van verdachte gedateerd 10 maart 2016;
  • de afwijzing van de officier van justitie gedateerd 22 maart 2016;
  • het bezwaarschrift van de raadsman van verdachte gedateerd 22 maart 2016;
Bij emailbericht d.d. 22 maart 2016 heeft de officier van justitie het verzoek van de raadsman d.d. 10 maart 2016 om in het bezit te worden gesteld van een kopie van de auditieve opnamen van de verhoren van [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] afgewezen. Tegen deze afwijzing werd door de raadsman op 22 maart 2016, aldus tijdig een bezwaarschrift ingediend.

Beoordeling

Ingevolge artikel 30 lid 1 Wetboek Pro van Strafvordering (hierna: Sv) wordt op diens verzoek aan verdachte de kennisneming verleend van de processtukken van het voorbereidend onderzoek door de officier van justitie.
Ingevolge artikel 32 lid 1 Sv Pro kan de verdachte van de stukken waarvan kennisneming is toegestaan een afschrift verkrijgen.
De verdediging is door de officier van justitie in de gelegenheid gesteld kennis te nemen van de auditieve opnamen van de verhoren van [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] op het politiebureau. De officier van justitie is echter niet bereid deze opnamen in kopie aan de verdediging te vertrekken omdat het geen processtukken zijn in de zin van de wet. De kennisneming dient te geschieden op het politiebureau.
Met de officier van justitie is de rechter-commissaris van oordeel dat de auditieve opnamen van de verhoren van genoemde personen niet de status van processtuk in de zin van artikel 149a Sv hebben. Wel zijn deze opnamen te beschouwen als stuk waarvan de kennisneming is toegestaan, aldus een stuk in de zin van artikel 32 lid 1 Sv Pro.
Op grond van artikel 32 lid 2 Sv Pro kan de officier van justitie in het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, de opsporing en vervolging van strafbare feiten of op zwaarwichtige gronden aan het algemeen belang ontleend, bepalen dat van bepaalde stukken of gedeelten geen afschrift wordt verstrekt.
Van geen van deze weigeringsgronden is sprake, waarbij de rechter-commissaris overweegt dat de officier van justitie weliswaar stelt dat het in het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer is de opnamen niet te verstrekken maar dit op geen enkele manier nader onderbouwd.

Beslissing

Gelet op bovenstaande verklaart de rechter-commissaris het bezwaarschrift gegrond en draagt de officier van justitie op om aan de verdediging afschrift te verstrekken van de verhoren van [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] .

Deze beschikking is gegeven te Arnhem op 29 maart 2016 door

mr. R.M. Maanicus
rechter-commissaris