Eiseres parkeerde haar auto op 28 februari 2015 aan de A-straat te Nijmegen, waar parkeerbelasting verschuldigd was. Tijdens een controle werd geconstateerd dat er geen geldig parkeerkaartje aanwezig was, waarop een naheffingsaanslag werd opgelegd. Eiseres verklaarde dat zij bij de eerste parkeerautomaat niet met haar betaalpassen kon betalen en direct naar een andere automaat liep om daar te betalen, wat zij om 19:06 uur ook deed.
De rechtbank stelt vast dat tussen het moment van controle en het betalen slechts één minuut zat, wat binnen een redelijke termijn valt om de verschuldigde parkeerbelasting te voldoen. Op grond van jurisprudentie moet een parkeerder een redelijke tijd gegund worden om uitvoeringshandelingen te verrichten. De rechtbank acht het geloofwaardig dat eiseres direct handelde en de naheffingsaanslag daarom ten onrechte is opgelegd.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar en de naheffingsaanslag, en veroordeelt de gemeente Nijmegen in de proceskosten van eiseres. Tevens wordt het betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak benadrukt het belang van een redelijke termijn voor het voldoen van parkeerbelasting en bevestigt dat het lopen naar een werkende automaat als uitvoeringshandeling geldt.