ECLI:NL:RBGEL:2016:4575

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
20 juli 2016
Publicatiedatum
18 augustus 2016
Zaaknummer
289283
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 27 lid 1 FaillissementswetArt. 27 lid 2 FaillissementswetArt. 29 Faillissementswet
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag van instantie en faillissement in civiele procedure tussen besloten vennootschappen

In deze civiele procedure tussen twee besloten vennootschappen is eiseres bij beschikking failliet verklaard. Red Dragon B.V. heeft de curator opgeroepen om de conventieprocedure over te nemen, maar de curator heeft geen gevolg gegeven aan deze oproeping. Hierdoor heeft Red Dragon ontslag van instantie gevorderd.

De rechtbank oordeelt dat het ontslag van instantie op grond van artikel 27 lid 2 Faillissementswet Pro toewijsbaar is, omdat de curator de procedure niet overneemt en er geen feiten of omstandigheden zijn die dit in strijd met de goede procesorde brengen. De advocaat van eiseres heeft zich niet tegen het ontslag verzet.

De rechtbank ontslaat Red Dragon van de conventieprocedure en veroordeelt eiseres in de proceskosten tot op heden, bestaande uit advocaatkosten en griffierecht. De reconventieprocedure wordt op grond van artikel 29 Faillissementswet Pro geschorst en verwezen naar de parkeerrol. Verdere beslissingen worden aangehouden.

Uitkomst: Red Dragon wordt ontslagen van de conventieprocedure en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer / rolnummer: C/05/289283 / HA ZA 15-517 / 546/97
Vonnis van 20 juli 2016
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres],
statutair gevestigd te [plaats 1] , kantoorhoudende te [plaats 1] ,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
advocaat mr. E.J. Kuper te Harderwijk,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
RED DRAGON B.V.,
statutair gevestigd te gemeente Duiven, kantoorhoudende te Rotterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat mr. S. Schuurman te Arnhem.
Partijen zullen hierna [eiseres] en Red Dragon genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het tussenvonnis van 25 november 2015
  • de beslissing van de rolrechter d.d. 19 januari 2016 dat de procedure in reconventie van op grond van art. 29 Fw Pro van rechtswege is geschorst, zulks in verband met het faillissement van [eiseres]
  • de beslissing van de rolrechter d.d. 15 februari 2016 dat de procedure in conventie wordt verwezen naar de rol van 30 maart 2016 om Red Dragon (mr. Schuurman) de gelegenheid te geven de curator in het geding te roepen
  • de hiervoor bedoelde oproeping door Red Dragon van de curator d.d. 22 februari 2016
  • de brief van mr. Schuurman aan de rechtbank van 12 april 2016, met de mededeling dat de curator geen gevolg heeft gegeven aan de oproeping, met verzoek Red Dragon te ontslaan van de instantie met betrekking tot de procedure in conventie
  • de brief van de rechtbank aan de advocaat van [eiseres] van 13 mei 2016 waarbij de gelegenheid is geboden tot uiterlijk 30 juni 2016 op voormelde brief van 12 april 2016 te reageren.
1.2.
Vervolgens is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
2.1.
[eiseres] is bij beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 15 december 2015 in staat van faillissement verklaard. Mr. L.T. Lonis is daarbij aangesteld als curator van [eiseres] .
2.2.
De procedure in conventie is vervolgens aangehouden om Red Dragon de gelegenheid te geven de curator tot overneming van het geding op te roepen. Red Dragon heeft de curator bij brief van 22 februari 2016 opgeroepen tegen de rolzitting van 30 maart 2016. De curator heeft aan die oproeping geen gevolg gegeven, waarna Red Dragon ontslag van instantie heeft gevorderd. De procedure in reconventie is op de voet van art. 29 Fw Pro van rechtswege geschorst.
2.3.
Vast staat dat de curator de procedure in conventie niet overneemt. De vordering tot ontslag van instantie in conventie van Red Dragon is dan ook in beginsel op grond van art. 27 lid 2 Fw Pro toewijsbaar. Dit is alleen anders, als er feiten of omstandigheden zijn gesteld of gebleken op grond waarvan geoordeeld zou moeten worden dat toewijzing van die vordering in strijd is met de eisen van een goede procesorde (onder andere Hoge Raad
7 september 2007, NJ 2007,577). Dat zich in dit geval omstandigheden voordoen die maken dat toewijzing van de vordering in strijd komt met de eisen van een goede procesorde is gesteld noch gebleken. Daarbij is van belang dat de advocaat van [eiseres] , mr. Kuper voornoemd, zich niet heeft verzet tegen ontslag van instantie. Hij heeft immers niet gereageerd op de hiervoor bedoelde brief van de rechtbank van 13 mei 2016 en desgevraagd heeft hij telefonisch op 6 juli 2016 aan de rechtbank laten weten dat zijn reactie is uitgebleven, omdat hij niets (meer) mee te delen heeft.
2.4.
De conclusie is dat de vordering van Red Dragon zal worden toegewezen.
Naar het oordeel van de rechtbank past het in het systeem van het burgerlijk procesrecht dat de wederpartij van de partij die ontslagen wordt van de instantie, wordt veroordeeld in de tot dat moment gemaakte proceskosten (onder andere Hof Leeuwarden 2 november 1994, NJ 1995,190 en Hof ’s-Hertogenbosch 2 maart 1998, JOR 1998/98). [eiseres] zal dan ook worden veroordeeld deze kosten aan Red Dragon te voldoen.

3.De beslissing

De rechtbank
in conventie
3.1.
ontslaat Red Dragon ten aanzien van het geding in conventie van deze instantie,
3.2.
veroordeelt [eiseres] in de kosten van de procedure in conventie, tot op heden aan de zijde van Red Dragon begroot op € 2.000,--,-- wegens salaris advocaat en op
€ 3.864,-- wegens griffierecht,
3.3.
verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
in reconventie
3.4.
verstaat dat het geding in reconventie van rechtswege is geschorst en verwijst de zaak naar de parkeerrol van 5 oktober 2016,
3.5.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Veerman, mr. D.M.I. de Waele en mr. K. van Vlimmeren-van Ommen en in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2016.