Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Beschikking van 22 december 2016
De procedure
- het schriftelijke wrakingsverzoek van 24 november 2016;
- het schriftelijke verweer van de rechter van 6 december 2016.
Het wrakingsverzoek
- de opmerkingen van de rechter: ‘Waarom is cliënt zelf niet aanwezig? Ik denk dan altijd meteen dat de persoon in kwestie iets te verbergen heeft, omdat ze zelf niet in haar eigen zaak komt opdagen’. Mevrouw [zus] , zus van verzoekster, gaf aan dat verzoekster vanwege een examen op school niet aanwezig was en dat zij het woord namens haar kwam voeren, omdat zij op de hoogte was van de persoonlijke levenssituatie. De rechter reageerde hierop met de woorden: ‘Dus als ik nu naar school van [verzoekster] bel, kan de school uw verhaal bevestigen, dat [verzoekster] dus daadwerkelijk een examen heeft’;
- de opmerkingen van de rechter: ‘Ik zie in de stukken dat de moeder van het kind 3 straten verderop woont. Waarom zou het kind dan bij de tante wonen en niet bij de moeder? Dat vind ik vreemd en komt niet echt geloofwaardig over.’;
- de zus van verzoekster was aanwezig om namens verzoekster het woord te voeren. Zij mocht echter alleen uitleggen waarom het kind niet bij de biologische moeder woont. Toen de zus van verzoekster wilde reageren op iets wat de vertegenwoordiger van DUO zei, zei de rechter: ‘ Nee, u mag niet reageren, want u bent geen gemachtigde’.