Uitspraak
Stichting Katholieke Universiteit
Stichting Katholieke Universiteit
1.De procedure
2.De feiten
“per ommegaande schriftelijk te informeren over de klager, de precieze aard van de klacht, de bijbehorende voorvallen die zouden zijn gemeld en de verdere procedure van behandeling van deze kwestie”. Bij brief van 22 september 2014 antwoordt het college hierop dat de melding verschillende medewerkers van de RHA betreft en een scala aan onwenselijk geachte situaties rondom zowel de leiding c.q. het managen van de organisatie als het individueel functioneren van een aantal medewerkers en moet worden gezien als de melding van een vermoeden van een misstand, als bedoeld in de Klokkenluidersregeling Radboud Universiteit Nijmegen (verder: de klokkenluidersregeling). Tevens wordt aan [werknemer] meegedeeld dat de melding voor het college aanleiding is om, overeenkomstig artikel 2, lid 7 van de klokkenluidersregeling, een onderzoek in te stellen. Het college heeft daarvoor een ad hoc commissie ingesteld, bestaande uit prof. dr. [persoon H] en prof. dr. [persoon I] , met het verzoek hem te informeren. Tenslotte wordt [werknemer] erop gewezen dat op grond van de klokkenluidersregeling alle bij de melding betrokkenen tot geheimhouding zijn verplicht over hetgeen zij hebben vernomen met betrekking tot de melding.
Benoem een interim, liefst een externe persoon, die als hoofd van het bureau gaat zorgen voor het
- Naar de mening van de commissie is het alléén denkbaar het bureau in de huidige samenstelling bijeen tehouden, indien het wordt geleid door een sterk afdelingshoofd, dat óók in staat moet zijn zich goed tenopzichte van hoofd MSO, de dean en de vice-deans te positioneren. Het is essentieel de dominantie tedoorbreken van het oude SG-trio.
- Zoek naar mogelijkheden om de creativiteit van [persoon A] binnenboord te houden.
- [persoon B] moet het duidelijk zijn dat intimiderend gedrag niet meer zal worden getolereerd.
- De commissie acht [werknemer] niet op zijn plaats als hoofd van het bureau.
- Gedurende de interimperiode dienen duidelijke richtlijnen te worden ontwikkeld over het gebruik vanalcohol en dient een visie te worden ontwikkeld op de relatie tussen de verschillende actoren binnen RHAen de studenten. Er dient op naleving te worden toegezien.
- Zorg er uitdrukkelijk voor dat de programma-regisseurs op geen enkele manier een negatieve terugslagkunnen krijgen als gevolg van de melding. Geef aan bij wie de (oud-)medewerkers terecht kunnen wanneerze klachten hebben over vermeende represailles.
3.Het verzoek en het verweer
art. 7:671b lid 8 sub a BW, en subsidiair, met inachtneming van voornoemd artikel, op grond van art. 7:669 lid 3 sub h BW Pro, te weten dat op grond van andere omstandigheden dan die genoemd de in art. 7:669 lid 3 sub Pro a. tot en met g. BW van SKU in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.
4.Het voorwaardelijk tegenverzoek en het verweer
“een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren”. De subsidiair door SKU aangevoerde grond (art. 7:669 lid 3 sub Pro h) luidt:
“andere dan de hiervoor genoemde omstandigheden die zodanig zijn dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren”.