ECLI:NL:RBGEL:2017:1080
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.H. van Empel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling transitievergoeding en vervaltermijn na ontslag bij Botobe B.V.
De werknemer trad in 2005 in dienst bij de rechtsvoorganger van Botobe B.V. en werd in 2016 ontslagen met een opzegtermijn van één maand. Botobe vroeg ontslagvergunning aan bij het UWV en diende een aanvraag in voor de overbruggingsregeling transitievergoeding kleine werkgever, die door het UWV werd afgewezen.
De werknemer vorderde betaling van de transitievergoeding van €7.106,- bruto, terwijl Botobe stelde dat de lagere overbruggingsregeling van toepassing was en verzocht om betaling in termijnen. De kantonrechter verwierp het niet-ontvankelijkheidsverweer wegens een kleine naamsverschrijving.
De kantonrechter stelde vast dat de opzegging tijdig was ontvangen en dat de arbeidsovereenkomst per 1 oktober 2016 eindigde. Vervolgens overwoog hij dat de vervaltermijn van drie maanden voor het indienen van een verzoek tot transitievergoeding geldt, en dat Botobe een zelfstandig tegenverzoek had ingediend dat ook aan deze termijn moet voldoen.
Omdat partijen hierover niet voldoende hadden gedebatteerd, stelde de kantonrechter hen in de gelegenheid om schriftelijk te reageren, waarna verdere beslissing zal volgen.
Uitkomst: Beslissing aangehouden en partijen in de gelegenheid gesteld zich schriftelijk uit te laten over vervaltermijn en transitievergoeding.