ECLI:NL:RBGEL:2017:2019
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over last onder dwangsom wegens lozing ijzerhoudend water in watergang
Eiseres werd door het Waterschap Rivierenland een last onder dwangsom opgelegd wegens het zonder vergunning lozen van ijzerhoudend water in een watergang, wat een verontreiniging veroorzaakte. De last werd opgelegd na constatering door een toezichthouder dat de watergang was verkleurd en verontreinigd.
Eiseres voerde aan dat de lozing niet aantoonbaar was veroorzaakt door haar werkzaamheden en dat de last onder dwangsom onterecht was omdat deze gebaseerd was op de Waterwet, terwijl een eerdere last aan een ander bedrijf op het Activiteitenbesluit milieubeheer was gebaseerd. Tevens stelde eiseres dat de handhavingsstrategie van het waterschap niet correct was toegepast.
De rechtbank oordeelde dat eiseres de artikelen 6.2, 6.8 en 6.9 van de Waterwet had overtreden door zonder vergunning en melding ijzer in de watergang te brengen en geen maatregelen te nemen om de verontreiniging te beperken. De handhavingsstrategie en interventiematrix waren juist toegepast, waarbij sprake was van milieuschade en calculerend gedrag van eiseres.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de last onder dwangsom, waarbij werd opgemerkt dat eiseres op grond van de Algemene wet bestuursrecht de last kan laten opheffen indien sinds oplegging geen dwangsom is verbeurd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de last onder dwangsom wegens lozing van ijzerhoudend water is ongegrond verklaard.