ECLI:NL:RBGEL:2017:2252
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging WIA-uitkering wegens onvoldoende medische motivering
Eiser was sinds 2010 arbeidsongeschikt en ontving een WIA-uitkering die per 7 april 2015 werd beëindigd door verweerder. Eiser stelde bezwaar en beroep in tegen dit besluit. De rechtbank stelde een schorsingsbeslissing in juni 2016 om aanvullende medische informatie en een lichamelijk onderzoek te verkrijgen, wat verweerder slechts gedeeltelijk opvolgde.
Verweerder diende een gewijzigd besluit in waarin de arbeidsongeschiktheid op 67,46% werd vastgesteld, maar gaf onvoldoende medische onderbouwing en beantwoorde vragen van de rechtbank niet volledig. Hierdoor kon de rechtbank het besluit niet goed toetsen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk, maar het beroep tegen het gewijzigde besluit gegrond wegens onvoldoende motivering in strijd met artikel 7:12 Awb Pro. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerder werd opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, onder dreiging van een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €10.000.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van €990 en moest het betaalde griffierecht worden vergoed. De rechtbank sloot het onderzoek na toestemming van partijen zonder nadere zitting.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot beëindiging van de WIA-uitkering wordt vernietigd en verweerder moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen onder dreiging van een dwangsom.