Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 2 juni 2016
[X] , te [Z] , eiser,
de ontvanger van de Belastingdienst, kantoor Groningen, verweerder.
Procesverloop
- dat tegen de melding van 8 oktober 2015 over het vervallen van uitstel voor de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (hierna: IB/PVV) 2013 geen bezwaar en beroep open staat;
- dat na de betalingsherinnering van 3 november 2015 geen betaling is gevolgd en dat daarom is overgegaan tot verrekening;
- dat geen bezwaar en beroep openstaat tegen de verrekening door de ontvanger van de niet betaalde aanslag IB/PVV 2013 met het bedrag waarop hij recht heeft overeenkomstig de voorlopige aanslag IB/PVV 2014;
- dat als de brieven van eiser een ingebrekestelling inhouden, die ingebrekestelling wordt afgewezen, omdat het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) over de dwangsom niet van toepassing is in invorderingszaken;
- dat het beroep op onverschuldigde betaling wordt afgewezen.
Overwegingen
Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;