ECLI:NL:RBGEL:2017:2978

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
2 juni 2017
Publicatiedatum
2 juni 2017
Zaaknummer
05/840033-16
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 22d SrArt. 22g SrArt. 22h Sr
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bezwaarschrift gegrond verklaard tegen omzetting taakstraf in vervangende hechtenis

De rechtbank Gelderland behandelde het bezwaarschrift van een 28-jarige man uit Nijverdal tegen de omzetting van zijn opgelegde taakstraf van 60 uren in 30 dagen vervangende hechtenis. Dit betrof een werkstraf die bij onherroepelijk vonnis was opgelegd na een eerdere veroordeling.

Uit het rapport van de reclassering bleek dat de veroordeelde zich onbeschoft en agressief had gedragen tegenover een medewerker, hetgeen aanleiding was voor de officier van justitie om de taakstraf om te zetten in hechtenis. Tijdens de zitting gaf de veroordeelde aan zich bewust te zijn van zijn gedrag en beloofde hij zich in de toekomst normaal te zullen gedragen.

De officier van justitie concludeerde tot gegrondverklaring van het bezwaarschrift en bood de veroordeelde een allerlaatste kans om de taakstraf alsnog te voltooien. De rechtbank besloot het bezwaarschrift gegrond te verklaren en bepaalde dat de veroordeelde de resterende 60 uren werkstraf binnen één jaar moet voltooien, met de waarschuwing dat agressief gedrag niet wordt getolereerd en dat de taakstraf mogelijk op een andere locatie moet worden uitgevoerd.

Uitkomst: Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard en de veroordeelde moet nog 60 uren werkstraf binnen één jaar voltooien.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
rechtbank
Parketnummer: 05/840033-16
Beslissing ex artikel 22g van het Wetboek van Strafrecht van de rechtbank naar aanleiding van het op 4 mei 2017 ingekomen bezwaarschrift van:

naam: [verdachte]

geboren op: [geboortedag] 1988 te [geboorteplaats]
adres: [geboorteplaats]
plaats: [geboorteplaats]
strekkende tot bezwaar tegen de omzetting van 60 uren taakstraf in 30 dagen vervangende hechtenis op grond van artikel 22d, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
Bij onherroepelijk geworden vonnis van de meervoudige kamer van de rechtbank Gelderland van 8 augustus 2016 is de tenuitvoerlegging gelast van hetgeen voorwaardelijk is opgelegd bij vonnis van de politierechter van de rechtbank Overijssel van 25 augustus 2014, te weten een werkstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen hechtenis.
De rechtbank heeft kennis genomen van de processtukken, waaronder het bezwaarschrift voornoemd, de kennisgeving omzetting afkomstig van de officier van justitie, welke aan veroordeelde op 3 mei 2017 is betekend en het afloopbericht werkstraf van de reclassering, gedateerd 1 maart 2017.

De procedure

Ter terechtzitting van 22 mei 2017 zijn gehoord:
- de veroordeelde,
- de raadsvrouw van veroordeelde, mr. A. Foppen, advocaat te Harderwijk,
- de officier van justitie.
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot gegrondverklaring van het bezwaarschrift. De officier van justitie is bereid veroordeelde een allerlaatste kans te geven.

De beoordeling

De rechtbank stelt vast dat het bezwaarschrift tijdig is ingediend en klager daarin kan worden ontvangen.
Uit het afloopbericht van de reclassering volgt dat veroordeelde zich ronduit onbeschoft en agressief heeft gedragen richting de medewerker van de reclassering. Veroordeelde heeft ter zitting te kennen gegeven dat hij zich daarvan bewust is en dat hij zich een volgende keer normaal zal gedragen.
Met de officier van justitie is de rechtbank desondanks van oordeel dat er aanleiding is om het bezwaarschrift gegrond te verklaren. Veroordeelde heeft de wens uitgesproken de taakstraf alsnog te willen verrichten en heeft toegezegd dat het een volgende keer anders zal verlopen. De rechtbank zal hem daartoe in de gelegenheid stellen. Veroordeelde moet wel beseffen dat hij hiermee een allerlaatste kans krijgt, dat hij zich moet onthouden van welke vorm van agressief gedrag dan ook en dat het kan betekenen dat hij zijn werkstraf op een andere plek moet verrichten dan hijzelf voor ogen had. De rechtbank vertrouwt erop dat hij de kans zal aangrijpen. Het bezwaarschrift wordt gegrond verklaard.
De rechtbank zal derhalve beslissen als hierna te melden en neemt daarbij in aanmerking de artikelen 22g en 22h van het Wetboek van Strafrecht.

De beslissing

De rechtbank:

verklaart het bezwaarschrift gegrond;

bepaaltdat door veroordeelde nog 60 (zestig) uren werkstraf moet worden verricht;
bepaaltdat deze werkstraf binnen 1 (één) jaar moet worden voltooid.
Aldus beslist door:
mr. R.G.J. Welbergen, als voorzitter, mr. Y.M.J.I. Baauw en mr. S.C.A.M. Janssen, in tegenwoordigheid van mr. E.A. Sluijters, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 2 juni 2017.