Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[gedaagde 1]
[gedaagde 1]
Rechtbank Gelderland
De gemeente vorderde dat gedaagden het gebruik van een strook grond langs de openbare weg beëindigen en ontruimen, omdat deze grond volgens de kadastrale registratie eigendom van de gemeente is. Gedaagden betwistten de kadastrale grens en stelden dat zij door verkrijgende verjaring eigenaar zijn geworden van de betwiste strook grond.
De rechtbank stelde vast dat de feitelijke grens tussen de percelen niet overeenkomt met de kadastrale grens en dat gedaagden de strook grond al sinds de jaren '50 in bezit hadden. Dit bezit was onafgebroken en openbaar, ook na de verkrijging van het perceel in 2001. De rechtbank oordeelde dat gedaagden en hun rechtsvoorgangers te goeder trouw waren en geen reden hadden om aan te nemen dat de feitelijke grens afweek van de kadastrale grens.
De vorderingen van de gemeente werden afgewezen omdat gedaagden door verkrijgende verjaring eigenaar zijn geworden van de betwiste strook grond. De rechtbank verklaarde voor recht dat de grond tussen de kadastrale grens en de beukenhaag door verjaring eigendom is geworden van gedaagden. De kosten werden verdeeld met veroordeling van de gemeente in de proceskosten in conventie en compensatie in reconventie.
Uitkomst: Gedaagden zijn door verkrijgende verjaring eigenaar geworden van de betwiste strook gemeentegrond; de vorderingen van de gemeente worden afgewezen.