ECLI:NL:RBGEL:2017:4170
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Tj. Gerbranda
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening verkoop softdrugs coffeeshop Harderwijk
Verzoekers hebben een last onder bestuursdwang opgelegd gekregen om de verkoop van softdrugs in hun coffeeshop te beëindigen. Zij hebben medio juni 2017 de verkoop al gestaakt en de handelsvoorraad is aanwezig maar volgens hen over datum. Verzoekers vroegen om een voorlopige voorziening om de verkoop weer op te starten of om langer te mogen exploiteren om een andere exploitant te vinden of hun activiteiten af te bouwen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekers geen spoedeisend belang hebben. Zij wisten sinds het besluit van 13 februari 2017 dat zij moesten stoppen en hadden voldoende tijd om maatregelen te treffen. Het verwijderen van de handelsvoorraad is eenvoudig en het voortzetten van de exploitatie is niet gegarandeerd omdat een nieuwe gedoogverklaring nog niet is toegekend.
Ook het belang van verzoekers om hun verplichtingen naar derden af te bouwen is onvoldoende onderbouwd en leidt niet tot onontkoombare gevolgen zoals faillissement. Het algemene belang bij aanwezigheid van een coffeeshop in Harderwijk weegt niet zwaarder dan het individuele belang van verzoekers.
Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.