Uitspraak
Ten Have B.V.
Rechtbank Gelderland
Ten Have B.V. is sinds 2002 eigenaresse van een bedrijfsruimte die door [gedaagde] wordt gehuurd. Na het faillissement van de beheerder/verhuurder [naam 1] op 31 maart 2015 stelde [gedaagde] dat Ten Have B.V. als opvolgend verhuurder is getreden en aansprakelijk is voor wanprestatie.
De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van contractovername door Ten Have B.V. en dat [gedaagde] gedurende 13 jaar huurpenningen aan [naam 1] betaalde, waarmee de relatie met de beheerder als verhuurder is bevestigd. Na het faillissement is een nieuwe huurovereenkomst tussen Ten Have en [gedaagde] gesloten, waarbij Ten Have als verhuurder optreedt.
De vorderingen van [gedaagde] in reconventie worden afgewezen wegens gebrek aan feitelijke grondslag en onvoldoende onderbouwing. Ten Have B.V. wordt niet aansprakelijk gehouden voor de wanprestatie van de gefailleerde beheerder. Het vonnis van 5 april 2017 wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de huurder worden afgewezen; Ten Have B.V. is niet opvolgend verhuurder na faillissement en niet aansprakelijk.