Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
[gedaagde 2],
[gedaagde 3],
1.De procedure
2.De beoordeling in het incident
3.De beoordeling in de hoofdzaak
4.De beslissing
6 december 2017voor conclusie van antwoord;
Rechtbank Gelderland
De Oude Muntkelder vordert inzage en/of afschrift van diverse documenten met betrekking tot de financiële afwikkeling van Mintcellar, waaronder overeenkomsten, correspondentie, jaarrekeningen en grootboekadministraties. Zij baseert deze vordering op artikel 843a Rv en stelt een rechtmatig belang te hebben omdat de stukken kunnen dienen als bewijs voor haar vordering op Remalin c.s.
Remalin c.s. voert verweer dat Mintcellar geen partij is in de procedure en dat de gevraagde inzage een 'fishing expedition' betreft. De rechtbank stelt vast dat sommige gevraagde documenten reeds zijn overgelegd, waardoor het belang voor die stukken vervalt.
De rechtbank oordeelt dat de gevorderde stukken onvoldoende concreet zijn omschreven en dat De Oude Muntkelder onvoldoende bekend is met de inhoud ervan. Haar vermoeden dat de stukken haar stelling kunnen ondersteunen is niet voldoende voor een rechtmatig belang. De vordering wordt daarom afgewezen, evenals de gevorderde dwangsom. De Oude Muntkelder wordt veroordeeld in de proceskosten van het incident.
De hoofdzaak wordt aangehouden tot na de conclusie van antwoord. Het vonnis is gewezen door mr. J.R. Veerman en op 25 oktober 2017 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot inzage van documenten af wegens onvoldoende concreet omschreven stukken en gebrek aan rechtmatig belang.