Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
3.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de tenlastegelegde feiten.
Rechtbank Gelderland
Op 7 juni 2016 vond op de Doesburgerdijk te Ede een verkeersongeval plaats waarbij een motorfiets en een snorfiets betrokken waren. Verdachte werd beschuldigd van het veroorzaken van het ongeval door onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag, waaronder het rijden op de verkeerde weghelft en het niet voldoende rechts houden, wat leidde tot zwaar lichamelijk letsel bij de slachtoffers.
De officier van justitie stelde dat verdachte in een moment van onoplettendheid op de verkeerde weghelft reed, ondersteund door verklaringen van de snorfietsbestuurder en diens passagier, en door het gevonden remspoor. Verdachte ontkende dit en gaf aan mogelijk te zijn uitgeweken en te hebben geremd, maar kon zich dit niet zeker herinneren.
De rechtbank beoordeelde de verklaringen en verkeersongevallenanalyse, die twee scenario's schetste waarbij zowel verdachte als de snorfietsbestuurder mogelijk op de verkeerde weghelft konden zijn geweest. De rechtbank kon niet met voldoende zekerheid vaststellen dat verdachte schuldig was aan het ongeval of gevaar veroorzaakte.
Daarom sprak de rechtbank verdachte integraal vrij van de tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij het verkeersongeval heeft veroorzaakt.