De militaire kamer van de Rechtbank Gelderland heeft een ex-militair veroordeeld voor het wederrechtelijk gebruiken van voertuigen van de krijgsmacht gedurende de periode van 1 juni 2015 tot en met 31 mei 2016. De verdachte gebruikte deze voertuigen voor woon-werkverkeer, het bezoeken van zijn gezin en het regelen van leningen, terwijl hij wist dat dit niet was toegestaan.
Het bewijs bestond uit meerdere proces-verbalen, waaronder verklaringen van de verdachte en getuigen, en een uittreksel uit het algemeen documentatieregister. De verdachte heeft bekend, zodat de rechtbank volstond met een opgave van bewijsmiddelen. De militaire kamer achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op meerdere tijdstippen opzettelijk en wederrechtelijk voertuigen van de krijgsmacht als bestuurder heeft gebruikt.
De strafzaak werd mede beoordeeld aan de hand van een reclasseringsadvies waarin de persoonlijke omstandigheden van de verdachte werden belicht. Financiële problemen en een gespannen thuissituatie leidden tot het delict. De verdachte had een huurachterstand en een aanzienlijke schuldenlast, mede veroorzaakt door familieomstandigheden. Na het delict verloor hij zijn baan en liep zijn relatie stuk, maar hij heeft zich sindsdien herpakt.
De militaire kamer legde een werkstraf van 60 uur op, met een vervangende hechtenis van 30 dagen indien de werkstraf niet wordt uitgevoerd. Deze straf is lager dan geëist door de officier van justitie, omdat de kamer rekening hield met de persoonlijke omstandigheden en de ernst van het feit. De verdachte werd vrijgesproken van andere ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.