Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
9.De beslissing
heft ophet – geschorste – bevel tot voorlopige hechtenis.
Rechtbank Gelderland
Op 18 juni 2017 heeft verdachte in zijn woning te Arnhem met een aardappelschilmesje de gasslang van zijn fornuis doorgesneden. Hij stuurde hiervan een filmpje naar zijn begeleider met de boodschap dat de brandweer moest worden gebeld. Verdachte verklaarde dit te hebben gedaan om aandacht te trekken, zonder de intentie brand te stichten of een ontploffing te veroorzaken. Hij opende ramen en probeerde de gaskraan dicht te draaien en de schade te dichten.
De officier van justitie stelde dat verdachte de aanmerkelijke kans op brand of ontploffing heeft aanvaard, maar kon dit niet wettig en overtuigend bewijzen. De verdediging voerde aan dat verdachte niet bewust was van deze kans en dat zijn geestelijke toestand meespeelde; subsidiair werd vrijwillige terugtred aangevoerd.
De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende bewijs was dat een aanmerkelijke kans op brand of ontploffing bestond. De verklaring van verdachte, het ontbreken van metingen direct na het incident en het feit dat het raam openstond, maakten het onduidelijk of er daadwerkelijk gevaar was. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het tenlastegelegde misdrijf.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van poging tot brandstichting wegens onvoldoende bewijs van aanvaarding van een aanmerkelijke kans op brand of ontploffing.