ECLI:NL:RBGEL:2018:2663
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.C. Quak
- J.B.J. Driessen
- H.C.M. Snellen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot schadevergoeding na gedeeltelijke veroordeling in gevoegde strafzaak
Verzoeker diende een verzoek tot schadevergoeding in op grond van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering, strekkende tot vergoeding van kosten rechtsbijstand en forfaitaire kosten voor de behandeling van het verzoek.
De strafzaak tegen verzoeker bestond uit een gevoegde behandeling van twee tenlasteleggingen. Verzoeker werd voor één feit vrijgesproken, maar voor het andere feit veroordeeld. De rechtbank oordeelde dat de zaak als geheel niet zonder oplegging van straf of maatregel was geëindigd, waardoor verzoeker niet ontvankelijk was in zijn verzoek tot schadevergoeding.
De advocaat van verzoeker verwees naar een afwijkende beslissing van de rechtbank Leeuwarden, maar de rechtbank Gelderland volgde de vaste jurisprudentie van de Hoge Raad dat bij een gedeeltelijke veroordeling het verzoek niet ontvankelijk is.
De meervoudige militaire raadkamer verklaarde het verzoek daarom niet-ontvankelijk en wees op de duidelijke lijn van de Hoge Raad sinds 1989. De beslissing werd in openbare raadkamer uitgesproken op 13 juni 2018.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot schadevergoeding omdat de strafzaak niet zonder oplegging van straf of maatregel is geëindigd.