Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
4.De beslissing
niet-ontvankelijkin de vordering.
Rechtbank Gelderland
Op 2 december 2014 vond een overval plaats op een bloemenzaak te Ede waarbij twee mannen onder bedreiging geld, sigaretten en een ketting meenamen. Verdachte werd ervan verdacht medepleger te zijn, mede omdat zijn DNA op kledingstukken werd aangetroffen die bij de overval werden gebruikt.
De rechtbank beoordeelde het bewijs, waaronder verklaringen van het slachtoffer en getuigen, camerabeelden en DNA-onderzoek. Hoewel het DNA van verdachte op meerdere kledingstukken werd gevonden, gaf verdachte een verklaring dat hij zijn kleding uitleent aan vrienden, waaronder twee reeds veroordeelden voor deze overval, wat de rechtbank aannemelijk vond.
Het signalement van de daders was wisselend en algemeen, en aanvullend bewijs ontbrak. Daarom kon niet worden vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk de overval had gepleegd. De rechtbank sprak verdachte vrij en verklaarde de civiele vordering van het slachtoffer niet-ontvankelijk, omdat deze bij de burgerlijke rechter moet worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende aanvullend bewijs ondanks DNA-spoor.